En dat zonder dat de pestbacterie zelf significante genetische veranderingen onderging.

Tot die verrassende conclusies komen Canadese onderzoekers. “Het verschil tussen hoe snel de pestepidemieën groeiden is verbazingwekkend,” stelt onderzoeker David Earn.

Het onderzoek
De grote verschillen kwamen bovendrijven toen de onderzoekers een inschatting maakten van het aantal levens dat de pest door de eeuwen heen in Londen eiste. Dat klinkt misschien vrij eenvoudig, maar dat was het zeker niet. Sterfgevallen worden in Londen namelijk pas sinds 1538 geregistreerd. Om ook helder te krijgen hoe hard de pest in de veertiende eeuw toesloeg, lieten de onderzoekers zich noodgedwongen leiden door testamenten. “In die tijd stelden mensen doorgaans een testament op omdat ze stervende waren of bang waren op korte termijn te sterven, dus we dachten dat de data op de testamenten een goed beeld zouden kunnen geven van de verspreiding van angst en de dood zelf,” legt Earn uit. En dat bleek ook zo te zijn. “Voor de zeventiende eeuw hadden we zowel testamenten als sterftecijfers tot onze beschikking en toen we dat wat we uit beide bronnen konden afleiden, vergeleken, zagen we dezelfde toename.” Dus als het aantal mensen dat door de pest stierf, toenam, nam ook het aantal testamenten in diezelfde periode toe.


En zo vonden de onderzoekers dus sterke aanwijzingen dat de pest in de zeventiende eeuw zo’n vier keer sneller om zich heen greep dan in de veertiende eeuw. “Afgaand op genetisch onderzoek hebben we alle reden om aan te nemen dat de bacteriestammen verantwoordelijk voor de pest in deze periode nauwelijks veranderden, dus dit is een heel fascinerend resultaat,” stelt onderzoeker Hendrik Poinar.

Bevolkingsdichtheid
En het maakt natuurlijk ook nieuwsgierig. Want waarom slaagde de bacterie er 300 jaar later toch opeens veel beter in om mensen te besmetten? De onderzoekers hebben daar wel ideeën over. Zo zouden veranderingen in de bevolkingsdichtheid, leefomstandigheden en ook lagere temperaturen de bacterie in de kaart hebben gespeeld.

Over de bacterie
De pest wordt veroorzaakt door de bacterie Yersinia pestis en kent verschillende verschijningsvormen. De meestvoorkomende en bekendste vormen zijn de builen- en longpest. In het geval van longpest nestelt de bacterie zich in de longen en kunnen mensen deze bijvoorbeeld door te hoesten op andere mensen overdragen. De builenpest wordt voornamelijk overgedragen door vlooien van ratten.

Afgaand op de snelheid waarmee de pest zich in de bestudeerde epidemieën verspreidde, gaan de onderzoekers ervan uit dat men zich geconfronteerd zag met de builenpest. “De builenpest is in feite een ziekte van knaagdieren,” legt Earn aan Scientias.nl uit. “Toen de menselijke bevolkingsdichtheid groter werd, kwamen er ook meer ratten. Bovendien hebben veranderingen in de leefomstandigheden van mensen ook weer effect gehad op het habitat van de ratten.”


Andere steden en landen
Hoewel de onderzoekers zich enkel over Londense archieven hebben gebogen, denken ze dat de waargenomen trend ook voor andere gebieden geldt. “Ik denk dat we vergelijkbare resultaten zouden zien in andere steden en landen,” aldus Earn. “Het zou heel interessant zijn als we de komende jaren vergelijkbare data konden verzamelen voor andere gebieden om dit te bevestigen.” En als het aan collega Ben Bolker ligt, komt dat vervolgonderzoek er. “We zijn er zeker in geïnteresseerd om dit onderzoek uit te breiden naar andere gebieden. Dat we in Londen zijn begonnen, komt doordat hier de London Bills of Mortality – toch een beetje de ‘gouden standaard’ – beschikbaar waren.” De bekende archieven beschrijven sinds de zestiende eeuw wekelijks het aantal sterftes per doodsoorzaak. In andere gebieden zijn dergelijke data vaak niet beschikbaar. “Daar kunnen we misschien kerkarchieven of testamenten gebruiken,” stelt Bolker. “We hebben nu – doordat we deze data konden vergelijken met de London Bills of Mortality – vastgesteld dat ze redelijk betrouwbaar zijn en geschikt zijn voor onze doeleinden.”

En wellicht kunnen onderzoekers op een vergelijkbare manier ook een nieuw licht werpen op andere epidemieën en zo meer inzicht geven in hoe infectieziekten – en de drijvende krachten daarachter – door de jaren heen veranderd zijn. Dat is niet alleen vanuit een historisch oogpunt interessant, maar kan ook informatie opleveren die relevant is voor de huidige pandemie. “Onze methode kan ook gebruikt worden om aan het begin van een nieuwe coronagolf een inschatting te maken van de groeisnelheid van de epidemie,” legt Earn uit. “We doen dit nu en hopen zo beter te begrijpen waarom de mate waarin het virus zich verspreidt van plaats tot plaats verschilt en hoe goed de coronamaatregelen hebben gewerkt.”