Het Bitcoin-netwerk kan dit jaar wel eens 184 terawattuur aan elektriciteit verbruiken; bijna net zoveel als alle datacentra op aarde.

En niet alleen het energieverbruik loopt de spuigaten uit. De geconsumeerde energie resulteert naar schatting ook nog eens in een uitstoot van 90,2 miljoen ton CO2. Daarmee is de uitstoot van het Bitcoin-netwerk grofweg vergelijkbaar met die van een wereldstad zoals Londen. Dat schrijft financieel econoom Alex de Vries in het blad Joule.

Meer energie
Dat de Bitcoin een flinke energievreter is, is al langer bekend. Maar doordat de munt steeds meer waard wordt, neemt ook het energieverbruik een vlucht, zo stelt De Vries.


Hij trekt die conclusie nadat hij het energieverbruik van het Bitcoin-netwerk doorrekende op basis van de waarde die de cryptomunt in januari had. In die maand ging de waarde van de munt voor het eerst over de 30.000 euro heen. De hoge waarde moedigt mensen aan om Bitcoins te gaan mijnen en leidt zo tot een hoger energieverbruik. De Vries schat – op basis van de waarde die Bitcoins in januari hadden – dat het Bitcoin-netwerk dit jaar zo’n 184 TWh aan elektriciteit verbruikt. Dat is bijna net zoveel als alle datacentra op aarde. En een aanzienlijke stijging ten opzichte van het elektriciteitsverbruik voorafgaand aan Bitcoins spectaculaire waardestijging; in de jaren hiervoor lag de geschatte jaarlijkse energieconsumptie tussen de 78 en 101 TWh.

Bitcoin en elektriciteit: hoe zat het ook alweer?
Wie Bitcoins wil hebben, kan ervoor kiezen om ze te gaan ‘mijnen’. Hierbij verdien je Bitcoins door met behulp van een computer lastige wiskundige vergelijkingen op te lossen. Het oplossen van die sommen kost veel rekenkracht en dus energie. Zeker nu het op grote schaal gebeurt; naar schatting deden in januari alle miners samen elke seconde 150 triljoen pogingen om de wiskundige vergelijking op te lossen en Bitcoins in de wacht te slepen.

Energieconsumptie in 2021
Wat de Bitcoin de komende maanden gaat doen, is afwachten. Maar het maakt voor de energieconsumptie waarschijnlijk niet eens zo heel veel uit, zo stelt De Vries. Er is op basis van de hoge waarde die de Bitcoin in januari had namelijk zo sterk in nieuwe hardware geïnvesteerd dat de energieconsumptie ongeacht wat de Bitcoin qua waarde gaat doen, in de loop van dit jaar zal blijven stijgen. Dat komt doordat de vraag naar hardware groter is dan het aanbod en een groot deel van de bestelde hardware pas veel later in het jaar kan worden uitgeleverd en gebruikt. “In januari werd bekend dat Bitmain – één van de belangrijkste fabrikanten van apparatuur voor het mijnen van Bitcoin – tot augustus 2021 al uitverkocht was door een ‘overweldigende vraag’,” zo schrijft De Vries. Wanneer mensen hun in januari op basis van de hoge Bitcoin-waarde bestelde hardware ergens in de zomer ontvangen, gaan ze die – ongeacht de waarde die de Bitcoin op dat moment heeft – gebruiken. En stijgt de energieconsumptie dus onafhankelijk van de Bitcoin-waarde. “Zelfs als de Bitcoin 25 of 30 procent in waarde daalt, kun je alsnog dezelfde energieconsumptie verwachten (als wanneer de Bitcoin stabiel blijft of in waarde stijgt, red.).”

Onderschat
Volgens De Vries wordt men zich steeds meer bewust van de torenhoge energieconsumptie van Bitcoin. “Maar men onderschat nog altijd hoe groot dit probleem kan worden. De behoefte van het netwerk kan nu al naar het niveau van alle datacenters wereldwijd (dus alles wat bijvoorbeeld de cloud, Big Tech of het internet zelf ondersteunt), terwijl de munt nog altijd heel klein is. Het systeem kan slechts vijf transacties per seconde verwerken, en slechts enkele grote bedrijven hebben hun geld nu in Bitcoin gestopt. Ik doe geen prijsvoorspellingen, maar het lijkt me logisch dat als de populariteit van Bitcoin verder toeneemt dit probleem ook nog veel verder zal escaleren.”


Afval en chips
En niet alleen de energieconsumptie en uitstoot zijn zorgwekkend. De populariteit van Bitcoin brengt nog meer uitdagingen met zich mee. Zo wijst De Vries erop dat mining riggs waarmee Bitcoin gemijnd kan worden, een vrij korte levensduur hebben. En zo kan de enorme populariteit van Bitcoin dus ook nog eens resulteren in veel elektronisch afval. Daarnaast vergroot de vraag naar hardware om Bitcoins te mijnen de wereldwijde tekorten aan computerchips. In de mining riggs zitten namelijk dezelfde chips als in jouw PC en in elektrische auto’s (die in tegenstelling tot Bitcoin juist voor een lagere uitstoot zorgen).

Internationale veiligheid
En daar blijft het niet bij. De populaire Bitcoin kan zelfs uitgroeien tot een gevaar voor de internationale veiligheid, zo betoogt De Vries. Hij wijst er daarbij op dat landen als Iran het mijnen van cryptomunten omarmen om hun inkomsten – die door internationale sancties beperkt zijn – aan te vullen. “Als Bitcoin Iran in staat stelt om economische sancties te omzeilen, kan dat een bedreiging zijn voor de internationale veiligheid, aangezien deze sancties werden opgelegd om te voorkomen dat het land nucleaire wapens zou ontwikkelen.”

Ingrijpen of intern oplossen?
Met het oog op de grote gevolgen die de populaire cryptomunt op tal van vlakken kan hebben, is het volgens De Vries niet ondenkbaar dat overheden op termijn gaan ingrijpen. Op lokaal niveau is dat al wel eens gebeurd. Zo nam Iran in januari nog mining-apparatuur in beslag na stroomuitval die aan het mijnen van cryptomunten werd toegeschreven. “Hoewel Bitcoin een gedecentraliseerde valuta is, zijn veel aspecten van het ecosysteem eromheen niet gedecentraliseerd,” zo schrijft De Vries. En op die aspecten kan worden ingegrepen om energieconsumptie, uitstoot en andere ongewenste neveneffecten van de Bitcoin te bestrijden. Zo kan de belasting op mining-apparatuur worden verhoogd. Of kan het aantal chips dat fabrikanten van mining-apparatuur zichzelf mogen toe-eigenen worden beperkt. Daarnaast zou ook het energietarief voor grootschalige miners – die gezien hun elektriciteitsverbruik gemakkelijk op te sporen zijn – kunnen worden verhoogd. Tegelijkertijd moeten beleidsmakers zich er ook van bewust zijn dat miners waarschijnlijk niet zomaar voor één gat te vangen zijn. “Uiteindelijk is elke laptop of computer in theorie in staat tot deelname aan mining, op elke locatie met internet en elektriciteit. Miners kunnen bij nadelige beleidsvorming dan ook simpelweg verhuizen of gedecentraliseerder gaan minen als grootschalig minen of de productie van gespecialiseerde apparatuur aan banden wordt gelegd.” Daarnaast is het echter ook mogelijk dat overheidsingrijpen resulteert in oplossingen van binnenuit. “De Bitcoin-gemeenschap zou ervoor kunnen kiezen om het ‘mining’-gedeelte van het systeem te vervangen,” aldus De Vries. “Tegenwoordig gebruikt een groot aantal cryptomunten bijvoorbeeld proof-of-stake, waarbij het aanmaken van nieuwe blokken voor de blockchain afhangt van vermogen in plaats van rekenkracht. In theorie zou dit ook in Bitcoin gebruikt kunnen worden. Omdat rekenkracht hierin geen rol speelt, biedt dit een volledige oplossing. Wellicht kunnen externe maatregelen de gemeenschap motiveren om hier werk van te maken – maar momenteel wordt dit niet overwogen.”

Wat de toekomst brengt, is vaak lastig te voorspellen. Maar helemaal in het geval van een grillige cryptomunt als Bitcoin. De Vries benadrukt dan ook dat onderzoekers zoals hij het toch altijd moeten doen met de informatie die voorhanden is. Dit onderzoek laat volgens hem goed zien dat het vrij eenvoudig is om op basis van die informatie in te schatten waar het met de totale energiebehoefte van het netwerk – in ieder geval op korte termijn – heengaat. Wat de lange termijn brengt, blijft afwachten. “Wie weet wat er in 2024 gebeurt? Misschien gebruikt iedereen Bitcoin, misschien niemand en misschien is iedereen Bitcoin tegen die tijd alweer vergeten.”