ACHTERGROND  De Titanic was het onzinkbare schip. Toch zonk de boot in 1912. Titanic was overigens niet het eerste onzinkbare schip dat in de golven verdween. In Morgan Robertsons roman ‘Futility, or the Wreck of the Titan’ zinkt namelijk het schip de Titan. Het verhaal vertoont opvallend veel gelijkenissen met de Titanic-ramp. Bizar feit is dat het boek in 1898 geschreven is. Had Robertson voorspellende gaven?

Futility gaat over John Rowland, een voormalig luitenant van het Amerikaanse leger. Nu is hij een alcoholist en moet hij het doen met een slecht baantje aan boord van de Titan. Het schip raakt een ijsberg en zinkt op de helft van het boek. In de tweede helft redt Rowland de jonge dochter van zijn voormalige vriendin en springt hij op een ijsberg met haar. Na verschillende avonturen op de ijsberg worden Rowland en het meisje gered. Aan het eind van het boek krijgt Rowland een goede baan en ontvangt hij een bericht van zijn voormalige vriendin met het verzoek om haar en haar dochter op te zoeken.

Opvallende overeenkomsten
In het boek noemt schrijver Morgan Robertson regelmatig feitjes op over het schip de Titan. Logisch, want Robertson is zelf een echte zeeman en weet veel over grote schepen. Zo is de Titan het grootste drijvende schip met een lengte van 800 voet en een gewicht van 53.000 Engelse ton. Even ter vergelijking: de Titanic was ’s wereld grootste passagiersschip met een lengte van 882 voet en een gewicht van 75.000 Engelse ton. In het boek wordt de Titan onzinkbaar genoemd. Zo werd de Titanic ook genoemd in vele kranten.

Nog een opvallende overeenkomst: de Titanic had slechts twintig reddingsboten. Minder dan de helft van het aantal reddingsboten dat toentertijd nodig was om 3.000 passagiers te redden. De Titan had slechts 24 reddingsboten, veel te weinig voor de 3.000 bemanningsleden en passagiers.

De Titanic en de Titan botsten allebei op een ijsberg. De Titanic vaarde te hard (23 knopen) en raakte de ijsberg tijdens een koude nacht in april in de noordelijke Atlantische Oceaan. Ook de Titan had een te hoge snelheid (25 knopen). Het ongeluk met de Titan gebeurde ook ’s nachts, ook in april en ook in de noordelijke Atlantische Oceaan.

In totaal kwamen meer dan 2.500 passagiers om het leven bij het ongeluk met de Titan. Bij de ramp met de Titanic kwamen 2.207 mensen om.

Toch zijn er ook enkele verschillen. Zo zonk de Titan niet op een heldere avond, zoals de Titanic, maar op een avond met veel mist. De Titan raakte de ijsberg vol van voren en viel om, terwijl de Titanic de ijsberg schampte. De Titan had zeilen; de Titanic niet. De Titanic had twee bijna identieke zusterschepen; de Titan niet.

Geluk of inzicht?
Uiteindelijk is het opvallend hoeveel Robertson wist over de Titanic-ramp. De beste man was geen voorspeller, absoluut niet. Robertson volgde de scheepvaart goed en hij wist hoe boten zich zouden gaan ontwikkelen. Het is dan ook geen wonder dat hij de specificaties van een toekomstig passagiersschip kon inschatten.

En een dosis geluk is natuurlijk ook wel zo handig. Er zijn momenteel honderden miljoenen verhalen geschreven. De kans dat één van die verhalen ooit een gelijkenis gaat vertonen met een nog te gebeuren ramp is aardig groot. Toch blijft het altijd magisch.