rat

Ratten hebben de toekomst. Dat voorspellen onderzoekers van de universiteit van Leicester. Ze stellen dat ratten alle gaatjes die door het uitsterven van dieren in ecosystemen ontstaan, gaan vullen en uiteindelijk misschien zelfs uit zullen groeien tot perfect aangepaste reuzenratten.

“Ratten zijn één van de beste voorbeelden van soorten die wij geholpen hebben om zich rond de wereld te verspreiden en die zich succesvol hebben aangepast aan de nieuwe omgevingen waarin ze zich nu bevinden,” legt onderzoeker Jan Zalasiewicz uit. “Ratten bevinden zich nu op veel – zo niet alle – eilanden wereldwijd en eenmaal daar aangekomen zijn ze moeilijk uit te roeien. Ze concurreren met inheemse soorten en winnen die concurrentiestrijd, soms door die soorten tot uitsterven te dwingen.”

WIST U DAT…

Tachtig kilo
Ecosystemen worden zo deels leeggeruimd en ratten vullen de gaatjes die ontstaan. En als ze eenmaal gewend zijn aan een nieuwe rol komt de evolutionaire aanpassing. En wanneer dieren zich aanpassen, kunnen ze in omvang groeien. Zalasiewicz ziet dat de ratten ook wel overkomen. “In het Krijt, toen de dinosaurussen leefden, waren er hele kleine zoogdieren – ter grootte van ratten en muizen. Zodra de dinosaurussen weg waren, evolueerden deze kleine zoogdieren, soms tot hele grote en indrukwekkende exemplaren.” Hij denkt dan onder meer aan mammoeten en paarden. “Als de ratten genoeg tijd krijgen, kunnen ze gemakkelijk net zo groot worden als de capybara, het grootste knaagdier dat vandaag de dag leeft en 80 kilo zwaar kan worden.” En als de ecosystemen nog meer ruimte maken voor de ratten, kunnen ze zelfs nog groter worden.

Trage en zware ratten
Hoe de toekomst van ratten er precies uitziet, is lastig te voorspellen. Die toekomst is namelijk van heel veel factoren afhankelijk. Bovendien zullen ratten in verschillende ecosystemen zich ook op verschillende manieren ontwikkelen. “Elk eiland waarop ratten zich nu bevinden is in feite een laboratorium voor toekomstige evolutie en elk laboratorium zal andere resultaten afleveren,” voorspelt Zalasiewicz. “Dus in de toekomst heb je dunne ratten, dikke ratten, trage en zware ratten, snelle en woeste ratten, waterratten en ga zo maar door.”

Hoe de toekomst er ook uitziet, één ding lijkt wel vast te staan: de rat blijft waarschijnlijk nog wel een tijdje. En over vele jaren zal ons nageslacht zich waarschijnlijk verbazen over de grote diversiteit aan nakomelingen van de nu zo doodgewone rat.