Ik zie, ik zie wat jij niet ziet: hoe we met onze zintuigen allemaal onze eigen subjectieve werkelijkheid creëren.

Zin in een boeiende en inspirerende reis langs onze zeven zintuigen en door het zinnenprikkelende Mumbai (India)? Dan is het nieuwste boek van Iris Sommer, ‘De zeven zintuigen, over waarnemen en onwaarnemen’, een regelrechte aanrader. Sommer (47) is als psychiater en neurowetenschapper verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Groningen. Bij het grote publiek verwierf ze bekendheid met haar bestseller Haperende hersenen (2015). Hoewel de zintuigen niet haar primaire expertise zijn, vond ze het onderwerp zo fascinerend en tegelijkertijd ook zo onderbelicht dat ze er een boek over schreef. Ze vertelt: “We staan er in het dagelijks leven niet zo bij stil, dat onze zintuigen echte wereldwondertjes zijn, die prachtig in elkaar zitten. Kijk eens naar het evenwichtsorgaan, wat een wonder! Tegelijkertijd wilde ik benadrukken, dat we met onze zintuigen allemaal onze eigen subjectieve werkelijkheid creëren. Vanuit een soort onderzeeboot kijken we elk met onze eigen periscoop naar de wereld om ons heen.”

Overuren voor de zintuigen
Sommer heeft er niet alleen een wetenschappelijk gefundeerde reis langs de zintuigen van gemaakt, maar ook een persoonlijk document, dat de informatie over de zintuigen op een speelse manier afwisselt. Daardoor leest het boek als een speer. Met haar dochter toog ze een week naar Mumbai, het voormalige Bombay. Daar konden ze hun zintuigen voor de volle honderd procent in het dagelijkse leven onderdompelen. Sommer vertelt: “Mijn eerste versie van het boek speelde zich af in Florence. Dat was een oog- en oorstrelende ervaring. Toch was dat het niet helemaal. Het was zo braafjes, te mooi eigenlijk. Toen kwam ik op het idee om naar India te gaan. Ik was er eigenlijk een beetje bang voor, ik had weinig concepten van het land opgeslagen. Het was de moeite waard. Onze zintuigen maakten daar overuren, we kregen met sensory overload te maken.” Naast heel mooie dingen zoals de prachtige kleuren van de kleding liet Mumbai moeder en dochter namelijk ook de nare kanten van het leven zien: grote armoede en het lijden van mensen die op straat liggen te creperen. En dat deed ook van alles met hun zintuigen. De portier van hun hotel draagt een tulband met edelsteen en veertje. De dame die hen naar de hotelkamer brengt, ruikt heerlijk. Ze wanen zich in Duizend-en-een-nacht. Ze ervaren lichamelijke sensaties als grote hitte. En voelen compassie bij het zien van mensen met oogafwijkingen, die in Nederland gemakkelijk en voor weinig geld geholpen zouden kunnen worden.

“Reuk is een mysterieus oerzintuig”

Geur bepaalt keuze partner
Ons oudste en eenvoudigste zintuig is geur: daar begint Sommer mee. Ten tweede hebben we smaak, ten derde het zicht – het meest dominante en belangrijkste zintuig. Ten vierde is daar tast, voelen en gevoel, ten vijfde horen en luisteren, ten zesde intuïtie en ten zevende het evenwichtszintuig. Sommer vertelt: “Reuk is een mysterieus oerzintuig, omdat we geuren grotendeels onbewust waarnemen. Geur lokt makkelijk emoties en herinneringen uit. We kunnen gemiddeld zo’n tienduizend verschillende geuren waarnemen. Welke invloed geur werkelijk op ons heeft, is niet helder, maar die invloed zou wel eens heel groot kunnen zijn. Bij vrouwen speelt geur zelfs de belangrijkste rol bij partnerkeuze, terwijl bij mannen het uiterlijk op de eerste plaats komt. Ja, je kan wel over die eerste indruk heenstappen. Toch wordt het heel moeilijk als je iemand niet lekker vindt ruiken. Tips voor je eerste date: zorg dat er geen vieze luchtjes om je heen hangen, was je kleren goed, ga eens naar de mondhygiëniste.” Bij partnerkeuze spelen de HLA-genen een rol, vertelt Sommer. “Zij geven inhoud aan ons immuunsysteem. Op grote stukken van de chromosomen, de HLA-genen (human leucocyte antigen) ligt informatie hoe bepaalde bacteriën en virussen aangepakt moeten worden. De beestjes die je op huid en slijmvliezen toelaat, bepalen hoe je ruikt. Hoe gevarieerder je HLA-genen, hoe meer indringers je aankunt en hoe hoger je overlevingskansen bij infecties. Voor de overleving van de soort is het gunstig om nakomelingen te krijgen van een partner, die een totaal ander HLA-systeem heeft. Dan erft het kind namelijk van beide ouders verschillende afweer, waarmee het de hele wereld van micro-organismen aankan. Zoogdieren, en ook mensen, hebben daardoor een voorkeur voor partners met een sterk verschillend HLA-systeem, en dus met een andere geur dan zij zelf hebben.”

Voor vrouwen is geur heel belangrijk bij de partnerkeuze. Afbeelding: StockSnap / Pixabay.

Waarnemen is subjectief
Met als voorbeeld geurhallucinaties legt Sommer in haar boek uit, hoe het komt dat niet alles wat je waarneemt automatisch waar is en dat waarnemen heel subjectief is. “Waarnemen is een samenspel van zintuigen en hersenen, waarbij de hersenen met een klein beetje informatie tot een totaalplaatje komen. Er wordt aangevuld en gegokt. De informatie uit de zintuigen wordt aangevuld met eerdere ervaringen, verwachtingen en vermoedens. Toen ik uit het raam (van haar hotelkamer in Mumbai, red.) keek naar de pruttelende massa op het olievat, rook ik de geur van mijn eigen Hollandse curries. Mijn hersenen vulden aan wat het dichtst in de buurt kwam. In dit geval klopte dat vrij aardig. Soms vullen de hersenen het verkeerde aan, dan zit de waarneming ernaast. Je kunt daarom in alle domeinen van de waarneming hallucineren: het zijn niet de zintuigen die een fout maken, maar de hersenen die het aanvullen. Geurhallucinaties komen best veel voor. Je denkt gas te ruiken, maar dat blijkt onzin. Of je ruikt dat er eieren gebakken worden op zondagochtend, maar helaas…”

Zesde zintuig en etnisch profileren
In haar boek beschrijft Sommer uitgebreid de werking van de zintuigen en de plek daarvan in het lichaam. Er staan verduidelijkende illustraties bij. Opmerkelijk is dat het zesde zintuig, de intuïtie, het enige zintuig is dat geen fysieke plek heeft in het lichaam. Sommer: ”Dat klopt. Intuïtie speelt zich in de hersenen af. Je zou het ook kunnen omschrijven als ‘gut feeling’. Zit het daarmee in de buik? Misschien. Soms zeggen we ook: ik voel het aan mijn water. Intuïtie is een weten, zonder te weten waarom je het weet. Onze hersenen zijn sterk geprogrammeerd op verwachting. Het voorspellen van het straks is onze eerste prioriteit. Logisch, dat het zo moeilijk is om ‘ín het moment te leven’, zoals mindfulness ons voorschrijft. Ze legt de theorie van Nobelprijswinnaar Daniel Kahnemann (‘Ons feilbare denken’) uit, waarmee we ondermeer kunnen begrijpen hoe het komt dat we bijvoorbeeld allemaal etnisch profileren. Het voortdurend denken en plannen maken dat wij op de achtergrond steeds doen, noemt Kahnemann systeem 1. Dit kost geen actieve aandacht. “Systeem 1 activeert razendsnel en volautomatisch jouw unieke bijpassende netwerk wanneer je iets waarneemt en geeft je alle dingen die jij geassocieerd hebt met een bepaald land of ding, met een bepaalde persoon of weekdag. Doorgaans merk je weinig van systeem 1. Af en toe verbaas je jezelf wanneer je bliksemsnel de juiste reactie vertoont. Je grist bijvoorbeeld een kind bij de hand dat de straat wil oversteken. Systeem 1 had het allang zien aankomen en heeft erop geanticipeerd. Systeem 2 is een andere manier van denken waarvan je je wel bewust bent: denken met aandacht. Belangrijke besluiten, bijvoorbeeld de bestemming voor je zomervakantie, nemen we doorgaans met systeem 2. Je weegt allerlei argumenten (onderkomen, veiligheid, prijs) tegen elkaar af. De voorkeur voor je vakantiebestemming, Portugal, was je misschien al ingegeven door systeem 1. Waar die positieve associatie precies vandaan komt, weet je niet meer. Vervolgens ga je met systeem 2 de voor- en nadelen van Portugal ten opzichte van Spanje of Italië vergelijken. We nemen niet alle besluiten met systeem 2, daarvoor hebben we simpelweg geen tijd. Wat voor kleding je aantrekt, welke route je naar je werk fietst, veel dingen gaan op de automatische piloot. Vooroordelen zitten vaak ingebakken in systeem 1 en om je intuïtie bij te sturen, moet je systeem 2, het bewust nadenken inzetten. Onderbuikgevoel, etnisch profileren, het komt vanzelf en automatisch, bij iedereen. Of we erop varen, dus of en hoe we systeem 1 inzetten, is wat ons al of niet tot populist maakt.”

“Propriocepsis is een enigszins verwaarloosd zintuig”

Jezelf voelen met de propriocepsis
Wist je dat je jezelf kunt voelen? Dit gebeurt met de propriocepsis. Dit is een enigszins verwaarloosd zintuig, dat volgens Sommer van groot belang is. Het maakt deel uit van het vierde zintuig, tast, voelen en gevoel. “Het is zelfgevoel in de letterlijke, lichamelijke betekenis, niet als eigenwaarde of zelfbewustzijn. Propriocepsis begint met speciale zintuigcellen in de spieren, de kapsels van gewrichten, de pezen en de huid. Het spierspoeltje is de bekendste zintuigcel van de propriocepsis,” legt Sommer uit. “De propriocepsis-informatie gaat vooral naar de kleine hersenen. In de kleine hersenen wordt de actuele positie van een lichaamsdeel vergeleken met de gewenste positie en zo nodig bijgesteld. De propriocepsis is onmisbaar bij het lopen, fietsen, aankleden, iets oppakken en ook bij praten.” Sommer merkt op dat de mens zelf de kleine hersenen flink in de weg kan zitten om hun werk goed te doen. “Dat doen we door bijvoorbeeld alcohol te drinken. Alcohol is een giftige stof. De proprioceptische informatie komt wel aan in de kleine hersenen, maar de afwijkingen tussen de gewenste en de actuele positie van het lichaam worden niet meer goed gecorrigeerd. Gevolgen: je gaat praten met dubbele tong, loopt met brede en zwalkende tred en je moet oppassen om niet te vallen.”

In de titel van het nieuwste boek van Sommer staat ‘waarnemen en onwaarnemen’. Wat is onwaarnemen eigenlijk? “Dat is wat er in je hersenen gebeurt zonder dat je waarneemt. Dromen is zo’n voorbeeld. Alles wat je in je dromen ziet en hoort, beleef je met je hersenen. Soms dringen er tijdens je slaap wel zintuigelijke waarnemingen door in je dromen, bijvoorbeeld als de wekker gaat, of als iemand hard schreeuwt.” Afbeelding: C_Scott / Pixabay.

De geheimzinnig substantie p
We weten al veel van de zintuigen, maar nog niet alles. Zo is er de mysterieuze substantie p, die valt onder het vierde zintuig (voelen). Sommer: “Deze stof speelt een rol bij de overdracht van pijn. De pijnreceptoren van mensen zijn verschillend. Anesthesisten moeten daardoor de ene mens meer pijnstillers toedienen dan de andere. Zo zijn mensen met rood haar gevoeliger voor pijn dan mensen met zwart haar. We komen nog wel achter de precieze werking van de substantie p. In elk geval maakt deze stof het lichaam klaar om een mogelijk levensbedreigende stressor het hoofd te bieden. De stof wordt vrijgemaakt uit zenuweinden bij pijn en ontsteking. Substantie p heeft effect op het ruggenmerg en de hersenen, vooral op de hypothalamus en de amandelkern, structuren die een grote rol spelen bij de emoties van pijn. Zo heeft ook het braakcentrum veel receptoren voor substantie p: je wordt dan letterlijk misselijk van de pijn.”

Blind of doof?
Veel mensen vragen zich weleens af wat erger is: doof of blind zijn. Volgens Sommer is blind zijn een zwaardere handicap dan doof zijn. “Het zicht is ons dominante zintuig. Niet kunnen zien brengt heel veel functionele beperkingen met zich mee, bijvoorbeeld qua mobiliteit en qua toegankelijkheid. Boodschappen doen is ingewikkeld. Blinden hebben veel hulpstukken nodig. Als dove kun je gemakkelijk boodschappen doen, je blijft in contact met ziende mensen. Maar in het sociale contact mis je veel: de communicatie met horenden gaat grotendeels via spraak. Doven hebben dan ook hun eigen community, hun eigen (gebaren)taal. Er zijn bijvoorbeeld dovendisco’s en deaf-lympics. Voor veel doven maakt het doof zijn zelfs deel uit van hun identiteit. Ze zijn er trots op, en ervaren het soms als een belediging als iemand oppert om iets te laten doen aan het gehoor.”

De zintuigen en ouder worden: wat kan je zelf doen?
We worden steeds ouder. Volgens Sommer zijn onze zintuigen er echter niet op gebouwd om een superhoge leeftijd te bereiken. Er vindt soms zelfs al vroeg slijtage plaats. Bijvoorbeeld aan het gehoor: “Vanaf een jaar of vijftig krijgen we moeite met het waarnemen van de hoge tonen. Ook tinnitus, een constante piep of ruis in het oor, komt vanaf die leeftijd vaker voor. Voor wat betreft het zicht wordt onze lens op oudere leeftijd vaak troebel. Daar kan gemakkelijk wat aan gedaan worden door het plaatsen van een nieuwe lens. De problemen met glasvocht zijn nog wel een dingetje. Na het veertigste jaar neemt ook het evenwicht af. Dat probleem treft bijvoorbeeld ballerina’s. Je kunt, behalve oog- en oorspecialisten te raadplegen, zelf ook veel doen als je ouder wordt. Doe zoveel mogelijk zintuigelijke indrukken op. Probeer zo goed mogelijk te blijven waarnemen. Maak bijvoorbeeld iedere dag een feestje van je eten. Zorg dat je eten er leuk uitziet. Luister naar de knapperigheid van bepaalde ingrediënten. Proef. Kortom: maak een beleving van je zintuigen. Dan onderhoud je ze en leef je ten volle.”

Christa van der Hoff heeft Italiaanse taal- en letterkunde gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden (1986) en heeft het grootste deel van haar 30-jarige loopbaan in de dagbladjournalistiek gewerkt (Haagsche Courant, Algemeen Dagblad). Ze heeft een brede maatschappelijke belangstelling en beeldend schrijven is haar passie. Voor Scientias.nl schrijft ze verhalen over onder meer talen en culturen, (kunst)geschiedenis, culinaire geschiedenis en sociaal-economische onderwerpen.