Dat stellen onderzoekers in een nieuwe studie die erop gericht is het succes van de deltavariant te verklaren.

In december 2020 dook in India een nieuwe variant van het coronavirus SARS-CoV-2 op. In de maanden die volgden, verspreidde de variant – aangeduid als de deltavariant – zich razendsnel. En in veel landen – waaronder ook Nederland – wordt het leeuwendeel van de besmettingen inmiddels door deze variant veroorzaakt.

Het succes van een coronavariant verklaard
Maar hoe is de snelle opmars van deze variant nu precies te verklaren? Een nieuw onderzoek – verschenen in het blad Nature – schept meer duidelijkheid. “Wij tonen aan dat de deltavariant zich gemakkelijker vermenigvuldigt en verspreidt dan andere veelvuldig geobserveerde varianten,” stelt onderzoeker Ravi Gupta, verbonden aan de Universiteit van Cambridge. “Ook is er bewijs dat neutraliserende antistoffen die het resultaat zijn van een eerdere infectie of vaccinatie minder goed in staat zijn om deze variant een halt toe te roepen.”

Experimenten
Gupta en collega’s baseren hun conclusies onder meer op laboratoriumexperimenten. Hierbij werd gebruikt gemaakt van serum afkomstig van mensen die het coronavirus al gehad hadden of gevaccineerd waren met het Astrazeneca- of Pfizer-vaccin. Dit serum bevatte antistoffen die in reactie op vaccinatie of de eerder doorgemaakte infectie waren geproduceerd. En de onderzoekers gingen na in hoeverre die antistoffen in staat waren om de deltavariant klem te zetten. De experimenten wijzen uit dat de deltavariant in vergelijking met de alfavariant (ook wel Britse variant genoemd) 5.7 keer minder gevoelig was voor serum van mensen die een eerdere infectie hadden doorgemaakt. Daarnaast bleek de deltavariant – opnieuw in vergelijking met de alfavariant – tot wel acht keer minder gevoelig voor serum afkomstig van gevaccineerde mensen. Het betekent heel concreet dat er respectievelijk 5.7 en 8 keer meer antistoffen nodig zijn om de deltavariant tegen te houden.

In de praktijk
De resultaten van het laboratoriumonderzoek worden onderschreven door een analyse van 100 zorgmedewerkers die werkzaam zijn in drie verschillende ziekenhuizen in Delhi en – ondanks dat ze bijna allemaal gevaccineerd waren – stuk voor stuk besmet raakten met de deltavariant. De analyse wijst uit dat de deltavariant zich gemakkelijker onder gevaccineerd personeel verspreidt dan de alfavariant eerder deed.

Vermenigvuldigen en verspreiden
Maar de variant is niet alleen minder onder de indruk van onze hetzij door een eerdere infectie of vaccinatie verkregen antistoffen. De deltavariant vermenigvuldigt en verspreidt zich ook gemakkelijker, zo tonen experimenten aan. De wetenschappers maakten voor deze proeven gebruik van mini-organen, opgebouwd uit cellen afkomstig uit menselijke luchtwegen. Deze mini-organen gedragen zich in feite net zo als onze luchtwegen. En door ze te infecteren met de deltavariant konden de onderzoekers een beter beeld krijgen van het gedrag van het virus. De experimenten wijzen uit dat de deltavariant beter in staat is om onze cellen binnen te dringen en zich – eenmaal binnen – ook veel gemakkelijker kan vermenigvuldigen.

De sleutel tot dominantie
De studie kan volgens de onderzoekers helpen verklaren hoe de deltavariant in korte tijd in veel landen uitgegroeid is tot de dominante variant. “De deltavariant heeft zich wijd verspreid en is wereldwijd uitgegroeid tot de dominante variant, omdat deze zich sneller verspreidt en beter dan de meeste andere varianten die we hebben gezien, in staat is om individuen te infecteren,” aldus onderzoeker Partha Rakshit. “Ook gaat (de variant, red.) gemakkelijker om bestaande immuniteit – hetzij door eerdere blootstelling aan het virus of vaccinatie – heen, hoewel de kans op matige tot ernstige ziekte in zulke gevallen wel kleiner is.”

Het onderzoek heeft belangrijke implicaties voor onze toekomstige strijd tegen het coronavirus. Want dat die strijd nog niet gewonnen is, staat vast. Zo wijzen de onderzoekers erop dat het belangrijk is om bestaande vaccins zo aan te passen dat ze effectiever zijn tegen (nieuwe) varianten. Die effectievere vaccins zijn met name heel hard nodig in ziekenhuizen en zorginstellingen, aldus onderzoeker Anurag Agrawal. “Infectie van gevaccineerde zorgmedewerkers door de deltavariant is een groot probleem. Hoewel zijzelf wellicht enkel milde klachten ontwikkelen, is er wel een kans dat ze individuen wier immuunrespons na vaccinatie door onderliggende gezondheidsproblemen niet optimaal is, besmetten. En die patiënten lopen dan het risico wel ernstig ziek te worden. We moeten dringend gaan nadenken over manieren waarop we de door vaccins ingegeven immuunrespons onder gezondheidsmedewerkers kunnen verbeteren.” Daarnaast wijst het onderzoek er sterk op dat ook de coronamaatregelen die gericht zijn op het beperken van de verspreiding van het coronavirus, in het licht van deze variant nog niet direct overbodig zijn, zo schrijven de onderzoekers.