Wat moeten we doen om mensen te motiveren om anderen te helpen? Moeten we ze laten denken aan die keren dat ze hulp kregen? Of aan de keren dat ze hulp gaven? Het laatste blijkt het beste: dan zijn mensen het sterkst geneigd om anderen te helpen.

Dat schrijven onderzoekers in het blad Psychological Science. Ze baseren hun conclusie op experimenten.

Experiment
In een eerste experiment bestudeerden de onderzoekers mensen die de opdracht hadden om alumni te bellen en te vragen om een donatie voor de universiteit. De proefpersonen kregen geen commissie: ze kregen per uur betaald. Voor de mensen aan de slag gingen, werden ze in twee groepen ingedeeld. De mensen in de eerste groep kregen de opdracht om iets te schrijven over momenten waarop ze heel dankbaar waren omdat een ander ze hielp. De mensen in de andere groep schreven over momenten waarop zij andere mensen dankbaar maakten door ze te helpen. De proefpersonen die over geven hadden geschreven, zetten zich in de twee weken die volgden intensiever voor de universiteit in. Ze deden per uur tot wel 29 procent meer belletjes dan mensen die schreven over die keer dat ze iets ontvangen hadden.

Goed doel
Een tweede experiment onderschrijft die resultaten. Een groep proefpersonen kreeg de opdracht een lijstje te maken met drie manieren waarop deze onlangs mensen geholpen had. Mensen in een tweede groep maakten een lijstje van drie dingen waarmee ze onlangs zelf geholpen waren. Mensen in een derde groep schreef drie maaltijden op die ze in de week ervoor genuttigd hadden. Daarna konden de proefpersonen hun beloning voor deelname aan het experiment ophalen. Ze kregen niet alleen een beloning, maar ook een formulier dat ze de mogelijkheid bood om (een deel van) de beloning aan een goed doel te schenken. De mensen die nagedacht hadden over wat zij voor een ander hadden gedaan, waren veel sterker geneigd om geld aan het goede doel te geven. Van alle proefpersonen gaf 26 procent geld aan het goede doel. Van de proefpersonen die nagedacht hadden over geven, schonk meer dan 46 procent geld. Van de groep die nadacht over ontvangen, schonk 21,43 procent van de mensen geld. Van de mensen die nadachten over wat ze gegeten hadden, gaf 13 procent geld aan het goede doel.

Verklaring
De onderzoekers denken wel te kunnen verklaren waarom denken aan geven ervoor zorgt dat we meer gaan geven. Het zorgt ervoor dat we onszelf gaan zien als iemand die goed voor andere zorgt en anderen helpt. En dat motiveert mensen om dat beeld van zichzelf in de praktijk te brengen en ook daadwerkelijk te helpen.

Het onderzoek heeft natuurlijk genoeg implicaties voor de ‘echte wereld’. Zo kan het vrijwilligersorganisaties handvatten geven om gemotiveerde vrijwilligers te vinden.