Deze massa-extinctie hebben we al die jaren over het hoofd gezien.

Een internationaal team van onderzoekers bestudeerde fossiele resten van marine megafauna die leefden ten tijde van het Plioceen en Pleistoceen (5,3 miljoen tot 9700 jaar geleden). En de wetenschappers deden zo een opmerkelijke ontdekking. “We konden aantonen dat ongeveer een derde van de mariene megafauna zo’n drie tot twee miljoen jaar geleden verdween,” vertelt onderzoeker Catalina Pimiento.

55 procent
De massa-extinctie raakte vooral de mariene zoogdieren hard: de diversiteit onder de mariene zoogdieren nam met maar liefst 55 procent af. Volgens de onderzoekers ging zo’n 43 procent van de zeeschildpaddensoorten verloren. Ook zou zo’n 35 procent van de zeevogelsoorten zijn uitgestorven. Terwijl tegelijkertijd zo’n 9 procent van de haaiensoorten voorgoed verdween.

Een tand van Carcharocles megalodon: één van de gigantische zeedieren die aan de massa-extinctie ten prooi vielen. Afbeelding: Lonfat (via Wikimedia Commons).

Veranderingen
De onderzoekers denken ook wel te weten waarom zoveel soorten er niet langer in slaagden om stand te houden. Ze ontdekten dat kustgebieden voor veel soorten, door toedoen van een sterk fluctuerende zeespiegel, niet langer veilige woonplekken waren. Daarnaast zouden ook veranderingen in oceaanstromingen hebben bijgedragen aan de ondergang van verschillende soorten.

Gigantische haai
“Met name warmbloedige dieren hadden een grotere kans om uit te sterven,” concludeert Pimiento. “Zo verdwenen bijvoorbeeld verschillende soorten zeekoeien en baleinwalvissen, net als de gigantische haai Carcharocles megalodon.” Het heeft wellicht implicaties voor de tijd waarin we nu leven. “Dit onderzoek laat zien dat mariene megafauna veel kwetsbaarder waren voor wereldwijde veranderingen in hun omgeving dan werd aangenomen.” En dat is iets wat we in onze tijd terugzien: met name grote zeedieren, zoals walvissen en zeehonden, blijken gevoelig te zijn voor menselijke invloeden.

De onderzoekers benadrukken dat na de massa-extinctie zo’n drie tot twee miljoen jaar geleden ook weer ruimte ontstond voor nieuwe soorten. Zo duiken in het Pleistoceen opeens de ijsbeer, het stormvogeltje en de Megadyptes-pinguïn op. Maar zelfs met het ontstaan van deze nieuwe soorten, kwam de biodiversiteit niet meer op het oude niveau.