Het is effectief. En heel bijzonder als je weet wie zijn concurrenten zijn.

Dat is te lezen in een zojuist verschenen paper, geschreven door enkele Australische onderzoekers. Het viel de wetenschappers op dat buidelmuizen (Sminthopsis youngsoni) opvallend vaak wolfspinnen verorberden. Eigenlijk gebeurde dat veel vaker dan je op basis van de beschikbaarheid van die wolfspinnen zou verwachten. En dat zette de onderzoekers aan het denken. Zou hier sprake kunnen zijn van intraguild predation?

Intraguild predation
Het komt regelmatig voor dat twee verschillende soorten in hetzelfde leefgebied wonen en het aldaar ook op dezelfde prooi hebben voorzien. Dat is geen probleem, zolang er maar voldoende prooien zijn. Als dat niet het geval is, kunnen twee vleesetende soorten op gespannen voet komen te staan. En soms leidt dat tot wat onderzoekers ‘intraguild predation‘ noemen. Hierbij eet het ene (grote) roofdier het andere, concurrerende en kleinere roofdier op. “In Australische systemen kan een dingo soms bijvoorbeeld de invasieve rode vos doden en consumeren en zo de competitie omtrent het gemeenschappelijke prooidier afzwakken,” zo schrijven de onderzoekers.

Voorwaarden
We kunnen pas spreken van intraguild predation als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Zo moeten de twee soorten onder meer in hetzelfde leefgebied actief zijn en het op dezelfde prooi hebben voorzien. Om te achterhalen of dat voor de buidelmuizen en wolfspinnen gold, werd een klein aantal gedurende een aantal uren bestudeerd. Ook bestudeerden de onderzoekers een controlegroep, bestaande uit spoorspinnen.

Overlap
De observaties wezen uit dat het dieet van de buidelmuis sterker overlapte met dat van de wolfspinnen. Zo zijn beiden bijvoorbeeld dol op mieren. Ook bleek er enige overlap te zijn in het moment waarop de twee soorten jagen: ze zijn beiden voornamelijk ’s nachts actief.

Al met al zien de onderzoekers genoeg aanwijzingen om aan te nemen dat er in het geval van de buidelmuis en wolfspin sprake is van intraguild predation. En dat is toch wel heel bijzonder. Nog niet eerder hebben onderzoekers dit namelijk gedocumenteerd bij twee soorten die zó sterk van elkaar verschillen als een buidelmuis en spin.