Door dit – nog ongereguleerde stofje – kan het herstel van het gat in de ozonlaag tot wel 30 jaar langer duren.

Geen echt gat

Het gat in de ozonlaag is geen echt gat. Het is een plek in de atmosfeer waar ozon in veel lagere concentraties te vinden is dan voor de jaren tachtig van de vorige eeuw het geval was. Met het gat in de ozonlaag wordt verwezen naar een lage concentratie ozon boven de zuidpool. Zo’n lage concentratie ozon is reden tot zorg, omdat de ozonlaag het aardoppervlak beschermt tegen schadelijke ultraviolette straling afkomstig van de zon.

In de jaren tachtig van de vorige eeuw luidden onderzoekers de noodklok. De concentratie ozon in de ozonlaag nam – met name boven Antarctica – rap af. Het was te wijten aan stofjes zoals cfk’s (chloorfluorkoolwaterstoffen) die rond die tijd veelvuldig in onder meer koel- en vriesinstallaties werden gebruikt en – wanneer ze in de atmosfeer belanden – ozon afbreken. Om de ozonlaag van de ondergang te redden, werd in 1987 het Montrealprotocol opgesteld dat de uitstoot van ozonafbrekers aan banden legde. Langzaam begon de concentratie ozon weer te nemen en men verwachtte dat het ‘gat in de ozonlaag’ (zie kader) ergens tussen 2046 en 2057 weer volledig hersteld zou zijn.

Dichloormethaan
Maar waarschijnlijk moeten we die verwachting bijstellen, zo schrijven onderzoekers in het blad Nature Communications. Want een nog ongereguleerde ozonafbreker is de laatste jaren in opkomst. De onderzoekers hebben het over dichloormethaan.

Toename
“Het is onduidelijk wat deze toename (van dichloormethaan, red.) veroorzaakt,” vertelt onderzoeker Stephen Montzka. “Maar het kan zijn dat deze chemische stof in toenemende mate gebruikt wordt in plaats van andere lang standhoudende chemische stoffen (bijvoorbeeld cfk’s en hcfk’s) die inmiddels uitgefaseerd zijn.” Een andere mogelijkheid is dat dichloormethaan in toenemende mate gebruikt wordt om andere chemische stoffen te produceren.”

Niet gereguleerd

Waarom wordt de uitstoot van dichloormethaan niet aan banden gelegd in het Montrealprotocol? Het stofje blijft maar relatief kort in de atmosfeer hangen en daarom zag men in de jaren tachtig geen reden om het te reguleren.

Vertraging
Eén ding staat echter wel vast: de concentratie dichloormethaan in de atmosfeer is de afgelopen tien jaar flink toegenomen. “De toename in dichloormethaan die we in onze metingen geobserveerd hebben, is treffend en verrassend: de concentraties namen aan het eind van de jaren negentig langzaam af, maar sinds het begin van de 21e eeuw zijn ze wereldwijd ongeveer met een factor twee toegenomen.” En hoewel het stofje lang niet zo’n effectieve ozonafbreker is als bijvoorbeeld de cfk’s is dat wel zorgwekkend. “Het is onzeker hoe de hoeveelheid van dit gas in de atmosfeer in de toekomst gaat veranderen,” vertelt onderzoeker Ryan Hossaini. “Onze resultaten laten zien dat een gestage groei in de concentratie het herstel van de ozonlaag substantieel kan vertragen.”

Dertig jaar?
Hoe groot die vertraging gaat zijn, is natuurlijk afhankelijk van de uitstoot van dichloormethaan. Als we op deze voet doorgaan en de concentratie dichloormethaan de komende tijd net zo sterk toe blijft nemen als tussen 2004 en 2014 kan het herstel van het gat in de ozonlaag wel eens een vertraging van zo’n dertig jaar oplopen. Als de concentraties dichloormethaan niet toenemen, maar stabiel blijven, kijken we tegen een vertraging van zo’n vijf jaar aan. Hoewel onmogelijk te voorspellen is wat de concentratie dichloormethaan gaat doen, denken de onderzoekers dat deze – als er geen regelgeving komt omtrent de uitstoot van het stofje – zal blijven toenemen (maar wellicht niet zo snel als tussen 2004 en 2014 het geval was).

Meer onderzoek is hard nodig. “We moeten ons bewust zijn van de groeiende bedreiging die dichloormethaan en vergelijkbare chemische stoffen die niet onder het Montrealprotocol vallen, vormen,” vindt Hossaini. In het kader daarvan is het van belang dat wordt uitgezocht wat de bron van atmosferisch dichloormethaan en vergelijkbare chemische stoffen is.