Het enorme beest maakte daarbij gebruik van krachtige kaken met daarin tanden ter grootte van bananen.

Terwijl dinosauriërs over de aarde slenterden, hield zich in het water een angstaanjagend en enorm krokodilachtig monster schuil. Het beest zou tanden ter grootte van bananen hebben gehad waarmee hij elke dino die zich naar de waterkant begaf afschrok. Met dit monster wilde je echt geen ruzie. “Bijna alles in zijn leefgebied stond op het menu,” aldus onderzoeker Stephanie Drumheller-Horton.

Deinosuchus
We hebben het over de Deinosuchus; een krokodilachtig monster dat zo’n 75 miljoen tot 82 miljoen jaar geleden op aarde leefde. Het beest was zo’n tien meter lang en staat bekend als één van de grootste – zo niet de grootste – krokodilachtige ooit. Voor Deinosuchus ging je zeker even een blokje om. Want het monster was het grootste roofdier in zijn ecosysteem en woog zelfs meer dan de grootste roofzuchtige dinosauriërs uit zijn tijd.


Nieuwe soorten
In een nieuwe studie bogen onderzoekers zich over de fossiele overblijfselen van het beest. En tot hun verrassing ontdekten ze drie verschillende afschrikwekkende soorten: de Deinosuchus hatcheri, Deinosuchus riograndensis en de Deinosuchus schwimmeri. De eerste twee waren te vinden in het westen van Amerika in de staat Montana, tot aan het noorden van Mexico, terwijl laatstgenoemde langs de Atlantische kustvlakte van New Jersey tot aan Mississippi voorkwam. Destijds werd Noord-Amerika in tweeën gedeeld door een ondiepe zee die zich uitstrekte van de Noordelijke IJszee in het zuiden tot de huidige Golf van Mexico.

Alligator
Ondanks de naam van het beest – die ‘terreurkrokodil’ betekent – waren de soorten eigenlijk nauwer verwant aan alligators. Al zie je daar in de vorm van de schedel niet veel van terug. Zijn snuit was lang en breed, maar aan de voorkant rond de neus ‘opgeblazen’ op een manier die bij geen enkele andere levende of uitgestorven krokodilachtige is gezien. De reden voor zijn vergrote neus is onbekend.

In eerdere studies hebben onderzoekers op schedelresten en fossiele botten van dinosaurussen merkwaardige bijtsporen aangetroffen. Paleontologen hebben daarom lang gespeculeerd dat deze achtergelaten waren door de roofzuchtige Deinosuchus die op dino’s joeg. De nieuwe studie werpt nu nieuw licht op dit monsterlijke wezen. Want de onderzoekers bevestigen inderdaad wat al werd gedacht: het krokodilachtige monster beschikte over een enorme kop en de verpletterende kaakkracht om dinosaurussen gemakkelijk te verslinden. “We hebben eigenlijk meerdere voorbeelden van bijtsporen aangetroffen,” vertelt Drumheller-Horton. “Sommige zijn achtergelaten door de D. riograndensis. Maar op andere fossiele botten en schildpadschilden troffen we de sporen aan van de nieuw beschreven soort in deze studie; de Deinosuchus schwimmeri.

Deinosuchus riograndensis beschikte over tanden zo groot als bananen, waarmee hij gemakkelijk dinosaurussen verslond. Afbeelding: Adam Cossette

Het krokodilachtige monster was waarschijnlijk een groot, angstaanjagend beest en koning van de wateren. “Deinosuchus was een reus die machtige dinosaurussen die naar de waterkant kwamen om te drinken, terroriseerde,” zegt onderzoeksleider Adam Cossette. “Tot nu toe was er weinig van het dier bekend. Maar in ons onderzoek onthullen we een bizar, monsterlijk roofdier met tanden ter grootte van bananen.” Dankzij dit gebit was Deinosuchus in staat om zelfs de allergrootste dinosaurussen neer te halen en te verorberen. Want het beest liet niets aan zich voorbij gaan. “Deinosuchus lijkt een opportunistisch roofdier te zijn geweest,” voegt Drumheller-Horton toe. En aangezien hij zo enorm was, werkte hij met gemak nietsvermoedende dinosaurussen als een lekkere snack naar binnen.


Dynamisch
De onderzoekers kunnen maar één conclusie trekken. “Het was een vreemd dier,” zegt onderzoeker Christopher Brochu. Bovendien laten de bevindingen uit de studie zien dat hedendaagse krokodillen geen ‘levende fossielen’ zijn die sinds het tijdperk van de dinosaurussen nauwelijks zijn veranderd. “Ze zijn net zo dynamisch geëvolueerd als elke andere groep.”

Uiteindelijk verdween Deinosuchus van de aardbodem, opvallend genoeg vóór de belangrijkste massa-extinctie aan het einde van het dino-tijdperk. De reden hiervoor blijft tot op heden onbekend. Maar misschien dat toekomstig onderzoek hier licht op kan werpen. De onderzoekers zetten dan ook hun studie voort. Want er zijn nog meer vragen onbeantwoord. “Er zitten twee grote gaten aan het uiteinde van de snuit,” zegt Cossette. “Deze gaten komen alleen voor bij Deinosuchus en we weten eigenlijk niet waar ze voor dienen. Vervolgonderzoek zal ons mogelijk helpen om dit mysterie te ontrafelen en verder inzicht verschaffen in dit bijzondere dier.”