stille oceaan

Wetenschappers hebben ontdekt dat meer dan 2100 soorten micro-organismen in het voorjaar van 2011 van Azië naar Noord-Amerika reisden. De micro-organismen liftten mee op enorme stofwolken die in het voorjaar in Azië ontstonden.

Naar schatting steekt jaarlijks ongeveer 7,1 miljoen ton aerosolen – stof, vervuiling en andere deeltjes die in de atmosfeer voorkomen, waaronder micro-organismen – de Stille Oceaan over. De aerosolen doen dat door zich mee te laten voeren door winden. Deze brengen ze in de bovenste lagen van de troposfeer: de laag lucht die zich het dichtst bij de aarde bevindt.

Enorme verscheidenheid
Maar hoe groot is nu de verscheidenheid aan micro-organismen die die oversteek maken? Om een antwoord op die vraag te vinden, richtte onderzoeker David J. Smith zich op twee grote pluimen aerosolen die Azië in april en mei 2011 verlieten. Smith en zijn collega’s verzamelden genoeg biomassa in de vorm van DNA om – voor het eerst – moleculair onderzoek te doen naar de stofwolken. De resultaten zijn verbazingwekkend. Meer dan 2100 soorten micro-organismen bleken de oversteek gemaakt te hebben.

De stofwolken in april en mei. Afbeelding: University of Washington.

De stofwolken in april en mei. Afbeelding: University of Washington.

Dood
De meeste micro-organismen – de helft betrof bacteriën, de andere helft schimmels – waren afkomstig uit de grond en waren bij aankomst in Noord-Amerika dood of in ieder geval onschadelijk voor mensen. De meeste soorten micro-organismen die vanuit Azië naar Noord-Amerika kwamen, kwamen reeds in dit gebied voor. Maar door de aankomst van de wolken aerosolen namen hun aantallen vanzelfsprekend wel toe. De onderzoekers stellen dan ook voor om de micro-organismen als een soort luchtvervuiling te zien. “Ik was heel verbaasd over de concentraties,” vertelt Smith. “Men zou verwachten dat de concentraties cellen afnemen naarmate ze hogerop komen, omdat ze weer naar beneden komen of als het ware verdund worden. Maar tijdens deze gebeurtenissen bundelt de atmosfeer deze cellen, net zoals de atmosfeer dat met andere vormen van luchtvervuiling doet.”

Interactie

Micro-organismen gaan ook op extreme hoogte de interactie met hun omgeving aan. Zo kunnen ze dienst doen als kernen voor regendruppels en sneeuwvlokjes en invloed uitoefenen op de hoeveelheid neerslag. Sommige onderzoekers denken zelfs dat dertig procent van de neerslag wereldwijd mede mogelijk wordt gemaakt door microben.

Wellicht wordt het zelfs tijd om het beeld dat we van de atmosfeer hebben te veranderen. “Ik denk dat we bijna zover zijn dat we de atmosfeer een ecosysteem kunnen noemen. Tot voor kort verwezen de meeste mensen ernaar als een transportband of een plek waar leven doorheen beweegt. Maar de ontdekking van zoveel cellen die zich mogelijk kunnen aanpassen aan het reizen van lange afstanden, op grote hoogte, verandert deze classificatie.” Wel moeten de onderzoekers benadrukken dat de tijd die micro-organismen op deze extreme hoogtes doorbrengen, beperkt is.