Het lijkt te gaan om zouten die na verdamping van zout waterijs achterblijven. En die verdamping lijkt nog steeds plaats te vinden!

Onderzoekers spotten ze al toen ruimtesonde Dawn (zie kader) nog niet eens bij Ceres was aangekomen: heldere vlekken op het oppervlak van de dwergplaneet. Direct werd er druk gespeculeerd. Hoe ontstonden deze heldere vlekken? Was het ijs? Of reflecteerden de vlekken zoveel licht omdat ze uit zout bestonden? Het mysterie lijkt nu opgelost.

Zout
In het blad Nature schrijven onderzoekers dat er in totaal meer dan 130 heldere vlekken op Ceres te vinden zijn. Ze hebben het licht dat deze vlekken reflecteren, bestudeerd en op basis daarvan vastgesteld waaruit de vlekken bestaan. Het lijkt te gaan om magnesiumsulfaat (een magnsiumzout van zwavelzuur).

Sublimatie
Wat opvalt, is dat de meeste heldere vlekken in kraters te vinden zijn. Het vertelt ons meer over hoe die zouten hier terecht zijn gekomen. Waarschijnlijk hebben inslagen diepergelegen zout waterijs blootgelegd. Dat ijs is vervolgens verdampt (gesublimeerd) en daarbij bleven de zouten op het oppervlak achter.

Dawn
De onderzoekers baseren hun onderzoek naar Ceres op gegevens van Dawn. De ruimtesonde werd in 2007 gelanceerd en deed eerst onderzoek naar planetoïde Vesta. Daarna vloog de sonde door naar Ceres en kwam daar in maart van dit jaar aan. De afgelopen maanden is Dawn Ceres steeds dichter genaderd. Half december zal de afstand tussen Dawn en Ceres zo’n 375 kilometer bedragen. Vanaf die afstand zal Dawn Ceres nog zeker tot juni volgend jaar bestuderen.

Het gebeurt nog steeds!
Een andere bijzondere ontdekking die de onderzoekers hebben gedaan, is dat het proces van sublimatie mogelijk nog steeds plaatsvindt op Ceres. In de Occator-krater (de krater waarin de meest heldere vlekken zijn gespot) blijkt wanneer het zonlicht over de bodem van de krater strijkt een nevel te ontstaan. “IJs verdampt hier mogelijk en voert kleine deeltjes met zich mee,” vertelt onderzoeker Andreas Nathues. De Occator-krater is nog vrij jong. Mogelijk ontstond deze zo’n 78 miljoen jaar geleden. Een andere jonge krater – de Oxo-krater, de plek waar de op één na helderste vlekken van Ceres te vinden zijn – bevat mogelijk net als de Occator-krater ook nog ijs.

IJs
Onze resultaten laten zien dat ijs onder het oppervlak in staat was om in de planetoïdengordel – die relatief dicht bij de zon staat – te overleven. Het rotsachtige oppervlak beschermt het ijs tegen de effecten van de zon.” De afstand tussen de zon en Ceres bedraagt ‘slechts’ 414 miljoen kilometer. Ter vergelijking: de ijzige manen van Jupiter staan twee keer zo ver van de zon vandaan en kometen – waarop net als op Ceres sublimatie plaatsvindt – staan nog verder weg.

Nu het mysterie van de heldere vlekken lijkt te zijn opgelost, wil dat nog niet zeggen dat onderzoekers achterover kunnen leunen. Ceres heeft namelijk nog genoeg geheimen. Uit een ander onderzoek – tevens verschenen in Nature – blijkt bijvoorbeeld dat op Ceres klei voorkomt die rijk is aan ammoniak. En dat is gek: op de plek waar Ceres zich nu bevindt, is het te warm voor ammoniakijs en het ontstaan van mineralen die ammoniak bevatten. Mogelijk is Ceres – nu te vinden tussen Mars en Jupiter – dan ook op een andere plek – meer richting de rand van ons zonnestelsel – ontstaan. Een andere mogelijkheid is dat Ceres wel op de huidige plek is ontstaan, maar zich materialen die uit de randen van ons zonnestelsel afkomstig zijn, heeft toegeëigend toen deze in de planetoïdengordel terechtkwamen.