Het gaat om 98 verschillende gereedschappen, onder meer gemaakt van olifantenbotten.

De ‘gereedschappen’ werden tussen 1979 en 1991 opgegraven op een plek die aangeduid wordt als Castel di Guido en niet ver verwijderd is van het hedendaagse Rome. Maar nu pas hebben onderzoekers de gereedschappen uitgebreid geanalyseerd. En dat levert een aantal verrassingen op, zo is in het blad PLoS ONE te lezen.

Standaard aanpak
De botten zijn zo’n 400.000 jaar oud en zeer waarschijnlijk bewerkt door Neanderthalers. En die waren hun tijd ver vooruit. Zo produceerden ze bij Castel di Guido niet alleen een breed scala aan gereedschappen, maar deden ze dat ook op een systematische manier. “Bij Castel di Guido braken mensachtigen de lange botten van olifanten op een standaard manier,” aldus onderzoeker Paola Villa. Het resulteert in allemaal vergelijkbare stukken bot die vervolgens bewerkt werden tot uiteenlopende gereedschappen. “Het is een aanpak die pas veel later gemeengoed werd.”

Verschillende gereedschappen die in Castel di Guido zijn teruggevonden en zo’n 400.000 jaar oud zijn. Afbeelding: Villa et al. 2021, PLOS ONE.

Omstandigheden
Het doet bijna vermoeden dat de Neanderthalers die hier 400.000 jaar geleden leefden, heel bijzonder waren. Dat ze misschien wel intelligenter of innovatiever waren dan hun tijdgenoten. Maar dat is niet het geval, denkt Villa. De Neanderthalers waren niet bijzonder. Hun omstandigheden waren bijzonder. Ze leefden in een gebied waar weinig grote, losliggende stenen te vinden waren en dus ook geen grote stenen gereedschappen konden worden vervaardigd. Wel hadden ze waarschijnlijk de beschikking over flink wat dode olifanten. Inmiddels uitgestorven bosolifanten (Palaeoloxodon antiquus) verzamelden zich in grote getale nabij waterstroompjes in het leefgebied van de Neanderthalers en stierven daar waarschijnlijk zo af en toe ook een natuurlijke dood. De Neanderthalers konden ze dan slachten en zich de grote botten toe-eigenen. En daarmee konden de Neanderthalers vervolgens tal van gereedschappen maken. “Op andere plekken hadden mensachtigen genoeg botten om een paar gereedschappen te maken, maar niet genoeg om ze gestandaardiseerd en systematisch te produceren,” meent Villa.

Gereedschapskist
In totaal hebben onderzoekers in Castel di Guido 98 van botten vervaardigde gereedschappen ontdekt. Het is de grootste ‘gereedschapskist’ die we tot op heden van niet-moderne mensen kennen. De gereedschapskist herbergt een breed scala aan gereedschappen. Zo zijn er botten met scherpe punten aangetroffen die mogelijk gebruikt werden om vlees te snijden. Andere doen denken aan een wig en werden wellicht benut om botten te kloven. “Eerst maak je een inkeping waarin je dit zware gereedschap kunt plaatsen, vervolgens sla je erop en op een gegeven moment zal het bot breken,” legt Villa uit.

Veel van de gereedschappen zijn gemaakt van olifantenbotten. Maar er is er ook eentje die gemaakt is van een bot van een os. En dat is een bijzonder exemplaar, omdat het lijkt op een lissoir: een gereedschap dat gebruikt werd om leer zachter te maken en eigenlijk pas 300.000 jaar geleden op grotere schaal werd toegepast. “Op andere plekken gebruikten mensen 400.000 jaar geleden simpelweg de botfragmenten die voorhanden waren.” Opnieuw lijken dus de omstandigheden – of concreter gezegd: de voorhanden zijnde materialen – de Neanderthalers in Castel di Guido in staat te hebben gesteld om hun tijd enigszins vooruit te zijn.