storm

Wetenschappers hebben ontdekt dat een omvangrijke storm die 267 dagen op Saturnus raasde, vrij abrupt eindigde doordat deze zijn eigen staart ‘opat’. Het is voor het eerst dat onderzoekers er in ons zonnestelsel getuige van zijn dat een storm zichzelf op deze manier consumeert.

Ruimtesonde Cassini merkte de storm op Saturnus op 5 december 2010 voor het eerst op. De storm was op zo’n 33 graden noorderbreedte ontstaan en haastte zich naar het westen. Kort nadat ‘de kop’ van de storm ontstond, ontstond ook ‘de staart’: een vortex die – langzamer dan de kop – tegen de klok in begon te bewegen.

Bergen
Op aarde worden stormen afgeremd door bergen, maar op Saturnus is eigenlijk niets wat stormen tegen kan houden. En dus kon de storm ongehinderd de planeet rond reizen. En binnen enkele maanden bevond de storm zich op dezelfde breedte als de vortex, zo melden de onderzoekers in hun paper.

De storm op Saturnus. Foto: NASA/JPL-Caltech/SSI/Hampton University.

De storm op Saturnus. Foto: NASA / JPL-Caltech / SSI / Hampton University.

De ontmoeting
Een ontmoeting kon dan ook niet uitblijven. En in juni 2011 was het zover: de storm botste op de vortex en de enorme storm verdween. “Deze storm op Saturnus gedroeg zich als een orkaan op aarde, maar dan wel op een manier die uniek is voor Saturnus,” vertelt onderzoeker Andrew Ingersoll. “Zelfs de grote stormen op Jupiter consumeren zichzelf niet op deze manier.” “Deze donder- en bliksemstorm op Saturnus was een beest,” vertelt onderzoeker Kunio Sayanagi. “De storm behield zijn intensiteit voor een ongebruikelijk lange tijd.” Waarom de storm helemaal ophield toen deze op de vortex stuitte, is nog onduidelijk.

Cassini volgde de storm op Saturnus op de voet en maakte er ook beelden van. Die beelden bestudeerden de onderzoekers nu om vast te kunnen stellen hoe de storm precies ten einde kwam. “We zaten op de eerste rij tijdens deze avontuurlijke film en zagen het hele verhaal van het begin tot het eind,” stelt onderzoeker Scott Edgington. “Dit soort gegevens helpt wetenschappers om weerpatronen in ons zonnestelsel te vergelijken en te leren waardoor ze in stand blijven en waarin ze zich van elkaar onderscheiden.”