Het vaccin lijkt geen onoverkomelijke bijwerkingen te hebben en de gewenste immuunreactie op te roepen.

Dat blijkt uit een kleinschalig klinisch onderzoek, uitgevoerd in de Verenigde Staten. Aan het onderzoek namen 45 proefpersonen (tussen de 18 en 55 jaar oud) deel. Een deel van de proefpersonen kreeg twee keer een injectie, waarbij elke keer een kleine hoeveelheid vaccin werd ingespoten. Een ander deel kreeg het vaccin eenmalig – in een wat grotere dosis – toegediend. En weer een ander deel ontving tweemaal een placebo.

Resultaten
En de voorlopige resultaten suggereren dat het vaccin – aangeduid als BNT162b1 – potentie heeft, zo schrijven de onderzoekers in hun paper (dat nog peer-review moet ondergaan). Het vaccin bleek het meest effectief te zijn wanneer het twee keer werd toegediend; 7 dagen na de tweede injectie hadden proefpersonen al meer SARS-CoV-2-neutraliserende antistoffen in hun lichaam dan voormalige coronapatiënten.


En ook de proefpersonen die slechts eenmalig een wat grotere dosis van het vaccin toegediend kregen, maakten deze neutraliserende antistoffen aan. Maar wel in veel kleinere hoeveelheden. Zo werden 21 dagen na de eenmalige injectie in het lichaam van deze proefpersonen minder SARS-CoV-2 neutraliserende antistoffen aangetroffen dan in het lichaam van voormalige coronapatiënten.

Bijwerkingen
Tijdens dit eerste kleinschalige klinische onderzoek stond niet alleen de effectiviteit van het vaccin centraal. Minstens zo belangrijk is de veiligheid ervan. En dus werd er ook gekeken naar eventuele bijwerkingen. Die bleken er wel te zijn, maar ze waren in de meeste gevallen mild en kortdurend, zo stellen de onderzoekers. Bovendien vormden ze op geen enkel moment een reële bedreiging voor de gezondheid. Zo klaagden veel proefpersonen na injectie over pijn op de plaats waar het vaccin was toegediend. Ook bleken sommige proefpersonen na toediening van het vaccin koorts te ontwikkelen. Dat gebeurde met name vaak nadat proefpersonen een tweede dosis van het vaccin toegediend kregen. De koorts zakte echter vaak al binnen één dag, zo merken de onderzoekers op. Al met al is er dan ook geen sprake van ernstige bijwerkigen en dus genoeg reden om dit kandidaat-vaccin verder te gaan testen.

Grootschaliger onderzoek
En dat is precies wat BioNTech – het bedrijf dat het vaccin samen met het farmaceutische bedrijf Pfizer ontwikkelde en test – van plan is. Eind deze maand moet er al een tweede klinische studie starten waarbij tot wel 30.000 gezonde proefpersonen het vaccin toegediend krijgen. Uit dit grootschalige onderzoek zal moeten blijken of het vaccin de kans dat mensen door SARS-CoV-2 geïnfecteerd worden, ook aanzienlijk kan verkleinen.


1,2 miljard doses
Als ook dat tweede klinische onderzoek positief verloopt, kan het vaccin – nadat het door de autoriteiten is goedgekeurd – al vrij snel beschikbaar komen. BioNTech en Pfizer verwachten eind dit jaar al 100 miljoen doses af te kunnen leveren. En tegen het eind van 2021 zouden er meer dan 1,2 miljard doses beschikbaar kunnen zijn.

Hoe werkt het vaccin?
BNT162b1 is een zogenoemd mRNA-vaccin en werkt net ietsje anders dan de traditionele vaccins. Traditionele vaccins bevatten vaak een verzwakte of dode ziekteverwekker. Door die in het lichaam in te brengen, kan het immuunsysteem antistoffen tegen die ziekteverwekker aan gaan maken. En wanneer je lijf dan eens met een levende of sterkere versie van zo’n ziekteverwekker geconfronteerd wordt, is het al voorbereid en kan het direct in de aanval, waardoor de ziekteverwekker je niet ziek kan maken of de ziekte mild verloopt. mRNA-vaccins zijn vrij nieuw en werken anders. Hierbij wordt RNA – eigenlijk de instructies voor het maken van een stukje van de ziekteverwekker – in het lichaam ingespoten. Dit RNA nestelt zich in je cellen, waarna deze de instructies op gaan volgen en dat stukje van de ziekteverwekker – een eiwit – gaan aanmaken en het immuunsysteem er antistoffen tegen kan genereren.

Nog veel meer kandidaat-vaccins
BNT162b1 is wereldwijd gezien slechts één van de vele kandidaat-vaccins tegen corona. Volgens de laatste cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie zijn er momenteel 141 corona-vaccins in ontwikkeling. Zestien ervan worden reeds klinisch geëvalueerd, oftewel op (kleine groepen) mensen getest. En net als BNT162b1 lijken sommige van die zestien vaccins veelbelovend. Zo maakte het Amerikaanse bedrijf Moderna in mei al bekend dat het door het bedrijf ontwikkelde vaccin mRNA-1237 leidt tot de aanmaak van antistoffen die SARS-CoV-2 kunnen neutraliseren. En ook het Britse vaccin ChAdOx1 nCoV-19 is veelbelovend.

Bestaande vaccins
Daarnaast kijken onderzoekers momenteel ook of bestaande vaccins iets in de strijd tegen het coronavirus kunnen betekenen. Zo zijn er aanwijzingen dat het mazelenvaccin langlevende immuuncellen genereert die ernstige ontstekingsreacties afremmen en zo mogelijk bescherming kan bieden tegen een ernstig ziekteverloop na infectie door SARS-CoV-2. Hetzelfde geldt mogelijk voor het BCG-vaccin, dat om die reden eerder al bij wijze van proef aan ziekenhuispersoneel en ouderen werd toegediend.

Behandelingen
Terwijl onderzoekers zo alles op alles zetten om een effectief en veilig vaccin te ontwikkelen, wordt er door andere onderzoeksgroepen ook gezocht naar effectieve behandelingen. En ook die studies werpen hun vruchten af. Zo ontdekten onderzoekers dat het oorspronkelijk voor ebola ontwikkelde medicijn remdesivir het herstel van coronapatiënten bespoedigt. En blijkt het medicijn dexamethason de overlevingskansen van coronapatiënten te vergroten.

Ondertussen grijpt het coronavirus SARS-CoV-2 nog altijd om zich heen. Inmiddels zijn er wereldwijd meer dan 10 miljoen bevestigde besmettingen gemeld. En meer dan een half miljoen mensen zijn door toedoen van het virus overleden. En hoewel het aantal nieuwe besmettingen en sterftegevallen in bijvoorbeeld veel Europese landen al wekenlang sterk afneemt, zijn er wereldwijd nog veel landen waar de teller alleen maar oploopt. Zo worden gisteren in de VS nog meer dan 50.000 nieuwe besmettingen gemeld. En ook in Zuid-Amerika en delen van Afrika neemt het aantal besmettingen nog altijd snel toe. Ondertussen krijgen sommige landen die het virus aardig onder controle leken te hebben, weer te maken met nieuwe besmettingsclusters. Zo neemt het aantal nieuwe besmettingen in Australië – na weken vrij stabiel te zijn geweest – sinds deze week weer toe. En eerder deze week heeft China een regio nabij Peking in lockdown geplaatst, nadat het virus daar opeens weer om zich heen greep. “Veel landen hebben ongeëvenaarde maatregelen getroffen om verspreiding van het virus te beperken en levens te redden,” stelde Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie afgelopen maandag. “Deze maatregelen hebben het virus afgeremd. Maar het virus niet volledig gestopt.” En hoewel veel landen het virus aardig onder controle lijken te hebben, verspreidt het virus zich wereldwijd gezien sneller dan ooit, zo waarschuwt Ghebreyesus. “We willen allemaal dat dit voorbij is. En we willen allemaal verder met ons leven. Maar de harde werkelijkheid is dat het nog lang niet voorbij is.”