Lang werd beweerd dat een wereld enkel bewoond kon worden als deze een maan had. Maar nieuw onderzoek laat iets anders zien.

In 1993 bleek uit onderzoek dat de mensheid heel wat aan de maan te danken had. De maan zorgt voor stabiliteit op aarde. Zonder de maan zou de invloed van Jupiter op onze planeet veel groter zijn. Onze aarde zou niet zo mooi stabiel een beetje schuin staan, maar met een grote axiale variatie te maken krijgen. Deze axiale variatie kon tussen de 0 en 85 graden beslaan. En daardoor ontstaan grote klimaatverschillen die het organismen heel moeilijk maken om te ontstaan.

Geen leven mogelijk
Na dit onderzoek werd dan ook geconcludeerd dat op alle werelden zonder flinke maan waarschijnlijk geen leven mogelijk was. Door die conclusie viel naar schatting negentig procent van alle aardachtige planeten af: slechts tien procent van deze planeten zouden een grote maan hebben.

WIST U DAT?

…de maan ooit een magnetisch veld had? Lees hier hoe de maan dat magnetische veld kreeg.

Nieuw onderzoek
Onderzoeker Jack Lissauer vroeg zich af of dat uitsluiten van die andere negentig procent wel terecht was. En hij startte een onderzoek. Hij simuleerde een situatie waarin onze aarde geen maan had. En hij ontdekte dat de axiale variatie wel meeviel en tussen de 0 en 50 graden bedroeg. Dat is veel minder dan de 0 en 85 graden die in 1993 werd opgeworpen. Ook blijkt uit het onderzoek dat de axiale variatie in sommige perioden wel meeviel. Een aarde zonder maan zou perioden van wel 500 miljoen jaar hebben gehad waarin de axiale variatie beperkt bleef tussen de 17 en 32 graden.

Stabiel
Blijkbaar hoeven planeten niet per se een grote maan te hebben om een stabiel klimaat te hebben. In sommige gevallen blijken grote manen de kans op leven zelfs te verkleinen. Het onderzoek bewijst dat de situatie veel complexer is dan gedacht en eigenlijk voor elke planeet persoonlijk moet worden bestudeerd.

Het volledige onderzoek verschijnt binnenkort in het blad Icarus.