Nieuwe waarnemingen van de APEX-telescoop laten zien hoe enorm stoffig de Oriongordel is. En wat kan stof toch mooi zijn!

Voor astronomen is het heel interessant om te weten waar stof zich precies in de ruimte bevindt. Want waar stof samen met gas dicht op elkaar gepakt is, daar ontstaan de nieuwe sterren.

Oranje
Het waarnemen van stof en jonge sterren is zo gemakkelijk nog niet. Zo is stof in zichtbaar licht heel donker en onttrekt het sterren aan het oog. Maar de Atacama Pathfinder Experiment-telescoop (APEX-telescoop) laat zich niet uit het veld slaan. De telescoop gebruikt de warmtegloed van interstellaire stofdeeltjes om precies te kunnen achterhalen waar jonge sterren ontstaan. Het stof heeft op de foto’s een oranje kleur.

Foto: ESO / APEX (MPIfR/ESO/OSO) / T. Stanke et al. / Igor Chekalin / Digitized Sky Survey 2.

Messier 78
Uit de waarnemingen blijkt bijvoorbeeld dat Messier 78 (op de foto in het midden te zien) flink wat stofwolken bevat. Uit deze stofwolken stroomt gas weg. Dat gas wordt door jonge sterren met flinke snelheid weggebonjourd. Het bewijs dat hier in deze nevel een heuse kraamkamer terug te vinden is.

De APEX-telescoop heeft de Oriongordel en dan met name het stof dat zich hierin bevindt als het ware uitgeplozen. Helemaal bovenaan de foto is de nevel NGC 2071 te zien. Deze nevel bevat niet alleen kleine, jonge sterren, maar ook een grote ster die waarschijnlijk vijf keer zwaarder is dan de zon.

Loading player…