De nieuw ontdekte pinguïnsoort was zo’n 1,60 meter lang en behoort daarmee tot een van de grootste pinguïns aller tijden.

Wie eens goed rondkijkt op onze planeet moet al gauw concluderen dat er veel dieren met een behoorlijke grootte te vinden zijn. Denk aan walvissen, olifanten en giraffen. Maar lang geleden leefden er helemaal giganten op aarde die ver boven de soorten die we vandaag de dag kennen uittorenden. Een nieuw ontdekte pinguïnsoort was daar één van. Onderzoekers hebben de fossielen gevonden van een uitgestorven reuzenpinguïn. Ze hebben ‘m de naam Crossvallia waiparensis gegeven.

Crossvallia waiparensis
Amateur-paleontoloog Leigh Love trof de botten vorig jaar aan op de fossiele site Waipara Greensand gelegen op het zuidereiland van Nieuw-Zeeland. De resten werden vervolgens overgedragen aan een team van wetenschappers die concludeerden dat het ging om een nieuw soort pinguïn. C. waiparensis leefde 66 tot 56 miljoen jaar geleden ten tijde van het Paleoceen en is daarmee één van de oudst bekende pinguïnsoorten ter wereld. Bovendien kon de ‘monsterpinguïn’ wel 1,60 meter lang worden. Hij is daarmee groter dan de bekende keizerpinguïn die ‘maar’ 1,20 meter kan bereiken. C. waiparensis woog daarnaast rond de 70 á 80 kilogram. Niet voor niets kan de soort gerekend worden tot een van de grootste pinguïns die ooit over onze planeet wandelde.


Verwant
Het naaste familielid van de C. waiparensis is de Paleocene soort Crossvallia unienwillia. Deze pinguïnsoort werd geïdentificeerd nadat onderzoekers in Antarctica op een gefossiliseerd deel van een skelet waren gestuit. Volgens onderzoeker Paul Scofield tonen de twee vondsten de nauwe band tussen de twee gebieden aan. “Toen de Crossvallia-soorten leefden zagen Nieuw-Zeeland en Antarctica er heel anders uit dan vandaag de dag,” zegt hij. “Antarctica was bedekt met bos en beide hadden te maken met een veel warmer klimaat.”

Voeten
De botten van beide soorten zeggen bovendien ook iets over de evolutie van pinguïns. De beenderen van beide Crossvallia-pinguïns suggereren namelijk dat hun voeten een veel grotere rol speelden bij het zwemmen dan die van hedendaagse pinguïns. Ook zou het kunnen dat ze destijds nog niet rechtop konden staan zoals hun moderne soortgenoten.

Waipara Greensand
De C. waiparensis is alweer de vijfde pinguïnsoort die is ontdekt in Waipara Greensand. En waarschijnlijk zullen er nog meer volgen. “De fossielen die we hier ontdekten hebben ons meer geleerd over de evolutie van pinguïns,” zegt onderzoeker Gerald Mayer. “En er is meer; meer fossielen waarvan we denken dat ze nieuwe soorten vertegenwoordigen.” Volgens de onderzoekers is Waipara Greensand misschien wel ’s werelds belangrijkste site voor het vinden van fossielen van pinguïns afkomstig uit het Paleoceen-tijdperk.

De vondst van de monsterpinguïn kan toegevoegd worden aan het indrukwekkende rijtje van gigantische, maar uitgestorven dieren die Nieuw-Zeeland ooit rijk was. Zo troffen onderzoekers afgelopen week ook al de resten aan van ’s werelds grootste papegaai. Ook kende Nieuw-Zeeland vroeger reusachtige adelaars, vleermuizen, moa’s en andere pinguïns. De ontdekking van nog een pinguïnsoort met een respectabel formaat geeft dus meer bewijs dat pinguïns in vervlogen tijden enorm waren. “Het versterkt onze theorie dat pinguïns al heel vroeg in hun evolutie een gigantische omvang bereikten,” besluit onderzoeker Vanesa De Pietri.