In 1921 deed Banting iets wat anderen maar niet wilde lukken: hij ontdekte insuline en diende het – met succes – toe aan een diabetespatiënt.

In de jaren twintig van de vorige eeuw was het onderzoek naar diabetes in volle gang. En de wetenschappers boekten vooruitgang: gaandeweg kregen ze steeds meer grip op de aandoening. Zo vonden ze aanwijzingen dat een gebrek aan insuline – een hormoon dat in de alvleesklier wordt geproduceerd – aan diabetes ten grondslag lag. Het leidde echter niet direct tot een behandeling, want het leek onmogelijk te zijn om – het in dat stadium nog hypothetische – insuline aan de alvleesklier te onttrekken.

Afbinden
Het probleem was namelijk dat de alvleesklier insuline vernietigde alvorens onderzoekers erin slaagden om de insuline uit het orgaan te halen. Toen de Canadese dokter Frederick Banting op een avond enkele papers over de alvleesklier doorspitte, kwam hij echter op een idee. In dat paper stond het afbinden van de alvleesklier beschreven. En wanneer men de alvleesklier afbond, degenereerden sommige alvleeskliercellen, waaronder de exemplaren die stoffen afgaven die insuline afbreken. Maar de eilandjes van Langerhans – het deel van de alvleesklier dat hormonen produceert en rechtstreeks in de bloedomloop brengt – bleven wel intact. Het zette Banting aan het denken. Wat nu als hij de alvleesklier afbond? Zou het dan mogelijk zijn om insuline uit de eilandjes van Langerhans te halen?

Hier zie je Banting (rechts) samen met Best.

Hier zie je Banting (rechts) samen met Best.

Lab
Hij besprak zijn hypothese met verschillende mensen, waaronder professor J.J.R. Macleod. Laatstgenoemde besloot zijn laboratorium ter beschikking te stellen. Geholpen door een assistent – Charles Best – sloeg Banting aan het experimenteren. En met succes. In 1921 wisten ze voor het eerst insuline uit de alvleesklier te halen.

Hoe verging het Thompson?

Thompson bleef insuline spuiten en zijn gezondheid verbeterde. Hij stierf in 1935, aan een longontsteking.

Leonard Thompson
Grote vraag bleef natuurlijk: waren mensen met diabetes bij het goedje gebaat? Al in 1922 nam Banting de proef op de som. In januari van dat jaar kreeg de veertienjarige diabetespatiënt Leonard Thompson insuline ingespoten. Maar..het werkte niet. De insuline bleek namelijk niet helemaal zuiver te zijn en Thompson kreeg een allergische reactie. Een paar dagen later diende Banting hem opnieuw insuline toe, dit keer een zuivere vorm. Daarop herstelde de bloedsuikerspiegel van Thompson zich en namen de diabetessymptomen af.

Van levensbelang
De ontdekking van Banting en Best was voor heel veel mensen van levensbelang. Voor de ontdekking van insuline was er geen echte behandeling voor diabetes. Vaak restte de diabetespatiënten weinig anders dan een strikt dieet te volgen. En soms was dat niet genoeg. Zo was Thompson vlak voor hij als eerste persoon ooit insuline toegediend kreeg, ernstig ziek. Hij was in het ziekenhuis opgenomen, woog nog maar amper dertig kilo en dreigde in een diabetisch coma te geraken.

Nobelprijs
Ook de wetenschappelijke wereld zag de waarde van de ontdekking van Banting in en beloonde hem in 1923 met de Nobelprijs voor de Geneeskunde. Banting deelde de prijs met Macleod.

In 1941 stierf Banting aan de gevolgen van een vliegtuigcrash. Hij werd 49 jaar oud.