Australische wetenschappers spreken van een doorbraak in hun pogingen om de door kanker getroffen Tasmaanse duivelpopulatie van een gewisse dood te redden. De onderzoekers brachten het genoom van de Tasmaanse duivel in kaart en kunnen nu gaan onderzoeken waarom de kanker de dieren zo hard aanvalt en hoe de ziekte behandeld kan worden.

Australië zit al langer met de handen in het haar. De Tasmaanse duivels werden in 2009 tot bedreigde diersoort uitgeroepen nadat de kanker keihard had toegeslagen. De ziekte verspreidt zich razendsnel onder de duivels en zorgt ervoor dat hun gezicht zo misvormd raakt dat de dieren niet meer kunnen eten en een hongerdood sterven.

Hoop
Inmiddels is zo’n 70 procent van alle Tasmaanse duivels door kanker om het leven gekomen. De infectieziekte kan zich snel verspreiden doordat de dieren in contact komen met de karkassen van aan kanker overleden Tasmaanse duivels. Er lijkt dan ook geen houden meer aan. Maar het genoom geeft hoop.

Cruciaal
Nu het genoom in kaart is gebracht, kan gekeken worden hoe de ziekte zich verspreidt en welke mutaties optreden. Wellicht kunnen de gemuteerde genen behandeld worden met medicijnen.

Uitsterven
Toch wil dat niet zeggen dat de strijd gewonnen is. Het vinden van de gemuteerde genen is lastig, omdat de kanker door meerdere mutaties wordt veroorzaakt. Gelukkig hebben de wetenschappers een hele goede reden om haast te maken: als de kanker niet wordt gestopt, verdwijnt de Tasmaanse duivel binnen twintig tot vijftig jaar van de aardbodem.

De Tasmaanse duivel komt enkel op het eiland Tasmanië voor. Het dier werd in de negentiende eeuw door Europese kolonisten ontdekt en joeg de mens met diens harde roep de stuipen op het lijf. De Tasmaanse duivel werd pas echt ‘beroemd’ nadat deze een eigen stripfiguur kreeg: Taz.