Met eigen ogen zien hoe ijskappen verdwijnen, koraal ten onder gaat en diersoorten uitsterven, gaat wetenschappers niet in de koude kleren zitten.

Maar voor het tonen van hun emoties – verdriet, woede, machteloosheid – is op het moment weinig tot geen ruimte. En dat moet anders, zo stellen onderzoekers in een open brief, gepubliceerd in het blad Science. Het negeren van die onderdrukte emoties is namelijk gevaarlijk. Niet alleen voor de wetenschappers zelf, maar ook voor onze planeet.

Huilen in een snorkelmasker
Marien bioloog Tim Gordon is één van de auteurs van de brief en we vroegen hem in hoeverre hij zelf tijdens zijn werk weleens door emoties is overweldigd. “Mijn onderzoek richt zich voornamelijk op koraalriffen en hoe zij beschadigen door klimaatverandering,” vertelt hij. “Ik breng veel tijd door bij het Great Barrier Reef in Australië, waar delen van het koraal dat ik bestudeer de laatste vijf jaar sterk zijn afgetakeld. Ooit vormde het koraal hier het kleurrijkste, levendigste en meest bruisende ecosysteem in de wereld en nu is een groot deel ervan veranderd in grijze, stille puinvelden. Er zijn momenten geweest dat ik tussen de wrakstukken van het koraal zwom en wel kon huilen in het masker van mijn snorkel.”


Dood koraal in het Great Barrier Reef. Afbeelding: Tim Gordon.

Vergelijkbare emoties ervaren wetenschappers die al jaren onderzoek doen naar de Arctische ijskappen en nu met lede ogen toe moeten kijken hoe de majestueuze ijsmassa’s in rap tempo wegsmelten. Of onderzoekers die diersoorten zijn worstelen met het verdwijnen van het zee-ijs. “Wij leggen de vernietiging van ’s werelds mooiste en meest waardevolle ecosystemen vast en het is onmogelijk om daar niet door geraakt te worden,” aldus Gordon.

Het publiek
Het is heel logisch, maar toch is er momenteel nauwelijks aandacht voor die emoties en het belang van een goede verwerking ervan. Dat ligt deels aan onderzoekers zelf en deels aan wat wij van hen verwachten, zo stelt Gordon. Het publiek verwacht van wetenschappers dat ze objectief zijn en het tonen van emoties lijkt dan ongepast. “De druk die wetenschappers voelen om objectief te zijn, maakt het verwerken van pijnlijke emoties lastiger.” En toch is het belangrijk dat de emoties van wetenschappers de ruimte krijgen, zo stellen Gordon en enkele collega’s in het blad Science. “In plaats van verdriet te negeren of onderdrukken, kunnen wetenschappers het ook gebruiken om nog vastberadener op zoek te gaan naar manieren om onze snel veranderende ecosystemen te doorgronden en beschermen.”

“Als wetenschappers niet in staat zijn om verdriet en wanhoop te verwerken, dan kan dat hun verbeeldingskracht en denkvermogen aantasten”

Creativiteit en denkvermogen
De emoties kunnen dus ten goede worden aangewend. Maar dat vereist wel dat onderzoekers ze erkennen en omarmen. De emoties negeren, is wat Gordon betreft geen optie. Het is slecht voor de wetenschappers zelf, maar komt ook hun werk waarschijnlijk niet ten goede. “Als wetenschappers niet in staat zijn om verdriet en wanhoop te verwerken, dan kan dat hun verbeeldingskracht en denkvermogen aantasten,” vertelt Gordon aan Scientias.nl. “Wat mij zorgen baart, is dat wanneer wetenschappers hun emoties onderdrukken, ze ook niet langer in staat zijn om creatief na te denken over de toekomst. Als we de natuur voor toekomstige generaties willen behouden, moeten wetenschappers in staat zijn om nieuwe oplossingen, acties en managementplannen te bedenken. En dat kunnen zij niet als ze verlamd zijn door depressieve gevoelens, zoals wanhoop en hopeloosheid.”


Militairen en artsen
Om te voorkomen dat onderzoekers zich door hun emoties laten leiden en bij de pakken neer gaan zitten, moet er meer ruimte komen voor de emoties die zij tijdens hun veldwerk ondervinden. Gordon en collega’s pleiten ervoor om wat dat betreft een voorbeeld te nemen aan bijvoorbeeld militairen of artsen. Binnen deze professies is het niet ongebruikelijk dat men te maken krijgt met emotionele gebeurtenissen en daar worden artsen en militairen voor getraind. Bovendien ligt er een heel protocol klaar om ze te helpen nare gebeurtenissen – bijvoorbeeld middels therapie – te verwerken. Gordon en collega’s pleiten er zeker niet voor om alle gedesillusioneerde wetenschappers in therapie te laten gaan. Wel zou er meer aandacht moeten komen voor wat zij voelen en doormaken. “De beste manier om met verdriet of rouw om te gaan, is voor iedereen anders,” benadrukt Gordon. “Sommige mensen zullen erbij gebaat zijn om even een tijdje alleen te worden gelaten, anderen willen misschien publiekelijk over hun verdriet praten. Het maakt waarschijnlijk niet uit hoe individuele wetenschappers met hun verdriet omgaan, het belangrijkste is dat we ze toestaan om ermee om te gaan.”

Want nogmaals: daar zijn we allemaal bij gebaat. “Charles Darwin schreef eens dat mensen die “passief blijven wanneer ze overweldigd worden door verdriet, hun beste kans op herstel van de elasticiteit van hun brein kwijtraken”. Als je nooit stopt met huilen, zul je ook nooit voorbij je tranen kunnen kijken. En het verwerken van emoties zal ons helpen om ons verdriet tot een inspiratiebron te maken en hieruit oplossingen te putten voor een betere toekomst.”