De tweede Hyperloop-competitie vindt dit weekend plaats in Los Angeles. Het team met de snelste capsule wint dit weekend de competitie. Toch doen er geen Nederlanders mee. Hoe zit dat precies?

Het studententeam van de TU Delft ontbreekt, terwijl zij begin dit jaar de beste Hyperloop-capsule bouwden. Sterker nog: vier studenten begonnen het bedrijf Hardt en opende – samen met bouwconcern BAM – onlangs de eerste hyperloop-faciliteit.

Het team van Hardt laat weten een editie over te slaan. “Onder leiding van student Edouard Schneiders doet Delft Hyperloop in 2018 weer mee met een volledig nieuw prototype”, schrijft woordvoerder Marleen van de Kerkhof van Hardt. “Evenwel blijft Nederland een van de koplopers in de ontwikkeling van het razendsnelle vervoersysteem.”

Een verstandige keuze, want begin dit jaar hadden de Delftenaren niet de snelste capsule. Die prijs ging naar de universiteit van München. Tijdens de vorige competitie draaide het ook om veiligheid, schaalbaarheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het voertuig. Op deze onderdelen blinkt de Delftse capsule uit.

De droom van Hardt en heel veel anderen: een hyperloop-netwerk in Europa.

Delftse capsule
De capsule van het Delfse team heeft qua ontwerp wel iets weg van een onderzeeboot en is superlicht. De capsule ‘zweeft’ met behulp van magneten. Deze magneten stoten de aluminium baan waarop de capsule zich bevindt, af. Doordat de capsule zweeft, ondervindt deze geen weerstand van de baan. In de testbuis werden snelheden van zo’n 90 kilometer per uur behaald. In een langere buis zouden snelheden van zo’n 1200 kilometer per uur mogelijk moeten zijn.

In een half uur van Leeuwarden naar Parijs
“Wij creëren een wereld waarin afstand niet meer uitmaakt,” zegt CEO Tim Houter van Hardt. “Waarin je de vrijheid hebt om te kunnen wonen en werken waar je maar wilt.” In de hyperloop duurt een reisje van Leeuwarden naar Parijs maar een half uur. “De grootste uitdaging voor de haalbaarheid zal liggen in het verkrijgen van de grond om de Hyperloop op te zetten,” vertelde Houter in een interview met Scientias.nl. “Het tofste is nu dat we met een relatief klein land (Nederland, red.) het technisch gezien wel heel goed doen. Hopelijk maakt dit zo’n drive los in Europa dat iedereen inziet hoe tof dit is en hoeveel dit kan toevoegen aan de wereld.”

De eerste tunnel
Het doel van Hardt is om binnen vier jaar alle technologie klaar te hebben om te beginnen met de bouw van een traject tussen twee steden. De kans is groot dat de eerste tunnel wordt aangelegd van New York naar Washington, maar wie weet lukt het Hardt om een tunnel onder Nederland te realiseren.