puber

Wetenschappers hebben een gen ontdekt dat invloed uitoefent om het moment waarop kinderen in de puberteit belanden. Het gen kan in ieder geval deels verklaren waarom sommige kinderen heel laat in de puberteit terechtkomen en speelt wellicht zelfs een rol wanneer de puberteit nooit aanbreekt.

Onderzoekers van de Queen Mary University of London ontdekten het gen toen ze het genoom bestudeerden van families waarin de puberteit laat begint. De onderzoekers vergeleken het genoom van deze familieleden met het genoom van mensen bij wie de puberteit op tijd begon. Door te zoeken naar genetische verschillen, hoopten de onderzoekers op genen te stuiten die (deels) kunnen verklaren waarom de puberteit bij sommige mensen zo laat begint.

Vijftien genen
De vergelijking leverde vijftien genen op. Die vijftien genen bestudeerden de onderzoekers nog eens extra door ze op te sporen in 288 mensen bij wie de puberteit later begonnen was. Zo stuitten ze op één gen dat in negen families vergelijkbare varianten bezat. Het gen levert in een vroeg stadium een bijdrage aan de ontwikkeling van hersencellen die GnRH (gonadotropin-releasing hormone) afgeven. Wanneer mensen in de puberteit belanden, wordt er meer GnRH afgegeven, waarop de hypofyse hormonen af gaat geven die weer invloed hebben op de eierstokken en testikels en ertoe leiden dat mensen zich kunnen gaan voortplanten (oftewel seksueel volwassen worden). Als de ontwikkeling van de GnRH-zenuwcellen vertraagd is, kan ook de stijging van GnRH die leidt tot de puberteit vertraging oplopen.

Te vroeg of te laat

Bij meer dan vier procent van de jongvolwassenen begint de puberteit te vroeg of te laat. Een te vroege of late puberteit wordt geassocieerd met diverse gezondheidsproblemen: van overgewicht tot hartziekten en van kanker tot diabetes.

Belang
Het onderzoek is belangrijk. Uit eerdere studies is gebleken dat het moment waarop iemand in de puberteit belandt grotendeels genetisch bepaald is. Maar tot op heden zijn nog maar weinig genen geïdentificeerd die zo’n grote invloed uitoefenen op de timing van de puberteit als het gen dat de onderzoekers nu aanwijzen. Het gen kan bovendien wel eens verantwoordelijk zijn voor het geheel uitblijven van de puberteit.

De onderzoekers zetten hun studie voort. Momenteel kijken ze hoe verschillende mutaties in het gen de puberteit beïnvloeden. “Door beter te kijken hoe zulke genen de timing van de puberteit beïnvloeden, leren we ook meer over de interactie tussen genen en ons milieu,” vertelt onderzoeker Sasha Howard. “Bijvoorbeeld hoe chemische stoffen die het endocrien systeem (klieren die hormonen afgeven, red.) verstoren bijdragen aan het vervroegd starten van de puberteit.”