Dit weten we dankzij een grootschalig Nederlands bloedonderzoek.

Naast genetica, de volgorde van de bouwstenen van ons DNA, regelt ook de epigenetica, de manier waarop we ons DNA gebruiken, wie we zijn. Dankzij DNA-methylatie, een vorm van epigenetica, kunnen we specifieke genen in ons DNA aan- en uitzetten (zie kader).  Bij deze vorm van gen-regulatie hecht een methylgroep aan het DNA. Hierdoor verandert het DNA zelf niet, maar kan de cel precies regelen welke stukken van het DNA hij wel of niet wil gebruiken. Onlangs hebben onderzoekers aangetoond dat 58 locaties in het DNA verschillend gemethyleerd zijn tussen hoger- en lageropgeleide Nederlanders.

DNA-methylatie
DNA-methylatie is een belangrijk proces in onze cellen. Zodra een methylgroep aan het DNA hecht, rolt het DNA zich op die plek als het ware strak op in de celkern. Wanneer dit gebeurt kan de cel dat specifieke deel van het DNA niet gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan een stamcel, een cel die nog tot elke gespecialiseerde cel kan uitgroeien. Wanneer we van die stamcel een spiercel willen maken, moeten we alle genen die met spiercellen te maken hebben aanzetten en nog belangrijker, alle genen die niet met spiercellen te maken hebben juist uitzetten. Als dit niet zou gebeuren zou de cel niet weten wat hij wel of niet moet gebruiken en dus ook niet kunnen specialiseren. Dankzij DNA-methylatie weet een cel dus wat hij moet doen. Maar dit kan ook kleinschaliger, zoals voor onderhoud aan de cel. Dit is natuurlijk veel minder rigoreus dan het specialiseren van een cel.

Invloed van buitenaf
Allerlei factoren kunnen zorgen voor DNA-methylatie, zo ook omgevingsfactoren. Hierdoor kunnen we aan het DNA zien aan welke omgevingsfactoren iemand is blootgesteld. Zo weten we dat niet alleen blootstelling aan bijvoorbeeld sigarettenrook of een bepaald dieet, maar ook vroege levenservaringen tijdens de ontwikkeling van invloed zijn op DNA-methylatie in onze cellen. Zo reguleren ook omgevingsfactoren de activiteit van onze genen. De volgorde van ons DNA plus de regulatie van de activiteit van de genen in ons DNA noemen we het epigenoom. Deze verandert gedurende ons hele leven, mede door blootstelling aan verschillende omgevingsfactoren.

Wist u dat?

Naar schatting bestaat ons DNA uit 20.000-25.000 genen. In totaal bestaan deze genen uit wel 3 miljard basenparen, de bouwstenen van ons DNA!

Epigenetische verschillen
In totaal bekeken de onderzoekers de mate van DNA-methylatie op wel 400.000 plekken in het DNA! Van al deze locaties bleken 58 locaties in het DNA te verschillen tussen hoger- en lageropgeleide Nederlanders. Hier liggen genen die belangrijk zijn voor het functioneren van ons zenuwstelsel en immuunsysteem. Daarnaast bleek, aan de hand van eerdere studies, dat DNA-methylatie van alle gevonden locaties ook optreedt door blootstelling aan sigarettenrook! We kunnen aan het epigenoom zien dat lageropgeleide Nederlanders vaker zijn blootgesteld aan sigarettenrook, zowel direct als indirect (meeroken), dan hogeropgeleide Nederlanders. Bij hogeropgeleide Nederlanders is er juist een verband gevonden met een hogere blootstelling aan fijnstof. Maar dit verband is niet zo sterk als het verband tussen blootstelling aan sigarettenrook en lageropgeleide Nederlanders.

Uit toekomstig onderzoek moet blijken of het methylatieniveau van deze genen niet alleen het gevolg is van omgevingsfactoren, zoals blootstelling aan sigarettenrook, maar bovendien ook invloed heeft op zowel ons opleidingsniveau als rookgedrag.