Hopelijk kan het ons eindelijk meer vertellen over deze 18 meter lang inktvis waar we tot op heden praktisch niets van weten.

Diep in de oceaan leeft de monsterlijk grote Architeuthis (Architeuthis dux); een reuzeninktvis met ogen zo groot als borden en tentakels waarmee hij zelfs op tien meter afstand prooi kan vangen. Het is een dier dat je liever niet tegenkomt. En dat gebeurt trouwens ook niet zo vaak. De angstaanjagende reuzeninktvis wordt zelden waargenomen en is nog nooit in gevangenschap gehouden. Het betekent dat zijn biologie – zelfs hoe de inktvis zich voortplant – nog steeds grotendeels in nevelen gehuld is. Maar daar gaat mogelijk verandering in komen, nu onderzoekers het genoom van de mysterieuze inktvis hebben ontcijferd.

Vragen
Eén van de belangrijkste vragen die onderzoekers hopen te beantwoorden is hoe het dier zo angstaanjagend groot is geworden. Wat dat betreft kan het in kaart brengen van het genoom inzicht bieden. Want dit kan belangrijke aanwijzingen geven over de anatomie en evolutie van de reuzeninktvis. “Het kraken van de genetische code is een eerste stap in het beantwoorden van veel vragen over de biologie van deze vreemde dieren,” zegt onderzoeker Caroline Albertin. “Bijvoorbeeld over hoe ze de grootste hersenen onder de ongewervelde dieren verwierven, hun verfijnde gedrag en behendigheid en hun uitmuntende camouflage.”


De reuzeninktvis speelt al eeuwenlang een belangrijke rol in spannende volksverhalen, zoals bijvoorbeeld op deze afbeelding van Jules Verne. Afbeelding: Alphonse de Neuville

Het team ontdekte dat niet alleen het dier zelf monsterlijk groot is, maar dat ook het genoom best omvangrijk is. Naar schatting bestaat het uit meer dan 2,7 miljard basen – de bouwstenen van DNA. Ter vergelijking, dat is ongeveer 90 procent de grootte van het menselijk genoom.

Vergelijking
Ondanks het grote genoom, was deze niet zo bijster bijzonder. “De genen van de gigantische inktvis lijken erg op die van andere dieren,” constateert Albertin. “Dit betekent dat we deze echt bizarre dieren kunnen bestuderen om meer over onszelf te leren.” De onderzoeker analyseerde daarnaast verschillende oude, bekende genfamilies in de gigantische inktvis en trok vergelijkingen met de genomen van vier andere koppotigen (waar zowel inktvissen als octopussen onder vallen) en het menselijk genoom. “Hoewel koppotigen veel complexe en uitgebreide kenmerken hebben, wordt gedacht dat ze onafhankelijk van de gewervelde dieren zijn geëvolueerd,” vertelt Albertin. “Door hun genomen te vergelijken kunnen we achterhalen of koppotigen en gewervelde dieren inderdaad op een andere manier, of juist op dezelfde manier zijn geëvolueerd.”

Camouflage
De onderzoekers analyseerden ook het eiwit reflectine dat (tot nu toe) uniek is onder koppotigen. De huid van de inktvis bevat een bijzondere soort cel: iridocyten. Deze cellen bevatten laagjes die opgebouwd zijn uit reflectine. Door de dikte van die laagjes en de afstand tussen die laagjes te veranderen, verandert de wijze waarop de cel licht reflecteert en dus verandert zo ook de kleur van de huid. Zo kan een inktvis helemaal opgaan in zijn omgeving. Door dit eiwit te bestuderen hopen de onderzoekers erachter te komen wat deze genen precies doen en hoe het werkt.

Bevindingen
Dankzij deze vergelijking identificeerden de onderzoekers in het genoom van de reuzeninktvis zeker 100 genen uit de zogenaamde protocadherin-familie. Opvallend, want deze worden meestal niet overvloedig in ongewervelde dieren aangetroffen. “Over deze genen wordt gedacht dat ze belangrijk zijn bij de ontwikkeling van een gecompliceerd brein,” legt Albertin uit. “Men dacht dat het voornamelijk een ontwikkeling in gewervelde dieren was. We waren daarom erg verrast toen we meer dan 100 genen aantroffen in een octopus-genoom en nu ook in die van de Architeuthis.”


Om nog even terug te komen op de monsterlijke grootte van de Architeuthis: hoe het dier precies zo uit zijn voegen is gegroeid moeten de onderzoekers ons het antwoord schuldig blijven. Het team ontdekte dat hij in ieder geval niet zijn monsterlijke omvang heeft verkregen door duplicatie van het hele genoom; een strategie die de evolutie lang geleden omarmde en ervoor zorgde dat gewervelde dieren veel groter groeiden. Hoe de Architeuthis dan wel zijn grote voorkomen heeft bemachtigd, moet uit verder onderzoek blijken.