Wetenschappers vinden al vijftien jaar achter elkaar de ene gevaarlijke planetoïde na de andere. Het gaat om objecten die de komende 200 jaar langs de aarde scheren. Ieder jaar wordt het record van het aantal gevonden aardscheerders verbroken. Zijn bijna alle objecten al gevonden?

Volgens het SRON moeten veel gevaarlijke planetoïden nog gevonden worden. Van de grote aardscheerders (diameter groter dan één kilometer) is nu zo’n 85 procent in kaart gebracht; van de middelgrote en kleinere planetoïden is dat waarschijnlijk slechts zo’n één procent. En dat is zorgelijk, want eens per ongeveer 200 jaar wordt de aarde getroffen door een middelgrote planetoïde met een diameter van veertig tot 1000 meter.

Eens per circa twee miljoen jaar wordt onze planeet getroffen door een planetoïde met afmetingen groter dan één kilometer. Zoals 65 miljoen jaar geleden, toen de inslag van een reusachtige planetoïde (met een geschatte diameter van 10 kilometer) de Chicxulub-krater (diameter circa 265 kilometer) veroorzaakte in Yucatn, Mexico, en een einde maakte aan het tijdperk van de dinosauriërs. Voor de Amerikaanse overheid is dit reden genoeg om alle planetoïden die in de buurt van de aarde kunnen komen (de zogenaamde Near Earth Asteroids, NEAs) en die een diameter hebben van meer dan 140 m, te inventariseren en nauwlettend te blijven volgen. En op korte termijn zal de grens bij veertig meter of 25 meter gelegd moeten worden.

De hoop ligt bij de satelliet WISE, die in infrarood het heelal observeert. Sinds eind 2009 ontdekt de Amerikaanse satelliet tientallen aardscheerders per maand. In de tweede helft van 2009 werden er meer dan 400 aardscheerders gevonden: een record!

Toch waarschuwt SRON-onderzoeker Karel A. van der Hucht om niet te enthousiast te worden. “De astronomische gemeenschap zal haar inspanningen aanmerkelijk moeten vergroten, willen we binnen twintig jaar een min-of-meer compleet overzicht hebben van de planetoïden die de aarde bedreigen,” zegt Van der Hucht.