pillen

We moeten gezond zijn en blijven. En dus slikken we bij het minste of geringste een pilletje en hollen we bij een eerste huilbui al naar de psycholoog. En al eten we gezond en sporten we veel: het kan altijd gezonder. Gezondheid is het orthodoxe geloof van de 21e eeuw. En dat is een probleem. Want het is een ziekmakende religie.

In 1923 verschijnt de komedie ‘Knock ou le triomphe de la médecine‘. De komedie vertelt het verhaal van dokter Knock die een plattelandspraktijk overneemt. Al snel ontdekt dokter Knock dat alle mensen in die praktijk kerngezond zijn. Hij besluit daarop iedereen uit te nodigen voor een gratis consult en vertelt alle dorpelingen over enge bacteriën en ziektes. Binnen no-time ligt een deel van het dorp ook ziek (van angst) op bed. Anno 2013 kunnen we ons zo’n praktijk met alleen maar gezonde mensen bijna niet meer voorstellen. Iedereen heeft immers wel wat. En naar aanleiding van die observatie stellen de meest uiteenlopende deskundigen – van professoren in de biologie tot psychologen en sociologen – zich in het gloednieuwe boek ‘Ziek van gezondheid‘ een belangrijke vraag: ‘Worden we vandaag vooral ziek omdat ons gedrag steeds ongezonder is geworden of veeleer omdat we steeds meer naar gezondheid streven?’

“Vele alledaagse activiteiten worden medische problemen”

De norm
Gezondheid is een norm geworden, zo concludeert de samensteller van het boek, filosoof Ignaas Devisch. Gezondheid is iets waar we maatschappelijk en individueel naar streven. En dat valt niet mee. Want ten eerste zijn we allemaal ziek, tenminste: dat wil de samenleving ons doen geloven. “Er is een proces op gang getrokken dat we doorgaans omschrijven als medicalisering, als het proces waarbij we steeds meer menselijk gedrag met een louter medische bril begrijpen en analyseren, met als gevolg dat vele alledaagse activiteiten medische problemen worden.” Een mooi voorbeeld is faalangst. Is dat nu een ziekte of gewoon menselijk gedrag? Nog zo’n fraai voorbeeld is de aandoening ‘female sexual dysfunction’ wat simpelweg betekent dat iemand soms geen zin heeft in seks. “Steeds meer individuen zijn op zoek naar de medische oplossing van een uitgevonden probleem.” Wat het streven naar gezondheid verder bemoeilijkt is het feit dat we niet meer weten wat gezondheid is. “Ook al is het thema gezondheid alomtegenwoordig, we lijken steeds minder te weten waarvoor het staat. Wie kan vandaag van zichzelf zeggen gezond te zijn? Welke cholesterolwaarde is gezond? Vanaf wanneer gaat zwaarmoedigheid over in depressie? (…) Gezondheid is een opgave waarvan we nooit weten of we de taak naar behoren hebben volbracht.” We streven dus naar iets wat eigenlijk onbereikbaar is. “Niets minder dan dit streven naar gezondheid lijkt er bijgevolg toe te leiden dat de staat waarin we verkeren steeds meer als een permanente ziekte kan worden omschreven.”

ziekvangezondheidEen keuze?
Wie dat zo allemaal leest, vraagt zich wellicht af: waarom gaan we daarin mee? We hebben toch een keus? We hoeven toch niet al ons ‘abnormale gedrag’ een medische naam te geven en voor elke ‘afwijking’ een pilletje te slikken? We zijn toch vrije individuen? Natuurlijk, maar de druk is groot. Dankzij de grote sprongen die de geneeskunde de afgelopen decennia gemaakt hebben, behoort medicalisering tot de mogelijkheden. Maar we kunnen het niet alleen: we willen het ook. Waarom? “De overstap van kunnen naar willen, is inderdaad een zeer complexe aangelegenheid die meteen alle actoren en factoren van medicalisering lijkt samen te brengen: wijzelf, de medische wereld, de farmacie, de maatschappij. Sowieso gaat het om meer dan een ‘recht op’; er hangt in deze kwestie ook telkens iets van een ‘plicht tot’ in de lucht (…) Het is vaak lastiger niet voor medicalisering te kiezen dan mee te gaan in de dominante stroom naar meer medicalisering van het alledaagse leven.” Daar komt nog eens bij dat een beroep doen op een arts, medicijnen of de sportschool rust kan geven. We nemen afscheid van de drukkende verantwoordelijkheid die we hebben. “Indien je alle medische opties afloopt, dan heb je er ‘alles aan gedaan’ – of laten aan doen – om het probleem op te lossen. Dat klinkt niet alleen verantwoord, je hebt ook met één pennentrek jezelf ontslagen van de schuldvraag.” Dat we aan die schuldvraag willen ontsnappen, is niet zo gek. Ongezondheid (of ziekte) wordt immers steeds vaker gezien als nalatigheid van het individu. Een mooi voorbeeld is de manier waarop zorgverzekeraars in België met hun klanten omgaan. Klanten met een slecht BMI dreigen financieel te worden gestraft. En in Nederland is het niet ongebruikelijk dat gezond gedrag wordt beloond (denk aan een zorgverzekeraar die een deel van uw sportabonnement betaalt). Meegaan in de drang naar gezondheid is dus niet echt een keuze: daarvoor is de druk te groot. “In de evolutie naar toegenomen medicalisering spelen zo markt, gezondheidszorg en toegenomen individualisering op elkaar in, met deze kwalijke evolutie tot gevolg: collectief neemt de druk toe, onder meer doordat er steeds meer gezondheidsproblemen zijn, terwijl de verantwoordelijkheid voor de gezondheid almaar meer op de schouders van het individu terechtkomt. Je zou voor minder om een pilletje vragen.”

“Antidepressiva werken amper: het verschil tussen het effect van antidepressiva en een placebo is statistisch minder dan tien procent en klinisch grotendeels verwaarloosbaar”

Groeiremmers en ritalin
Het streven naar gezondheid levert soms ziekten op. Psycholoog Laura Batstra geeft een goed voorbeeld in haar epiloog. “In de jaren 1980 kregen mijn ouders van een schoolarts het dringende advies mij groeiremmers te geven. De voorspelling was dat ik wel 1 meter 88 zou worden en dat zou niet goed voor me zijn. Overigens was er geen enkel bewijs voor het idee dat lang zijn bij vrouwen psychische of andere schade zou aanrichtten. Dat wisten mijn ouders niet, maar desalniettemin sloegen ze het advies van de schoolarts verontwaardigd in de wind: “We gaan toch geen pillen in een gezond kind stoppen!” Ik mag me gelukkig prijzen met het healthy skepticism van mijn ouders, want in 2012 werd duidelijk dat een groot deel van de vrouwen die als meisje groeiremmers hadden geslikt vruchtbaarheidsproblemen heeft. Die heb ik, moeder van vier kinderen, niet.” En ook klinisch psycholoog Paul komt met een treffend voorbeeld: de antidepressiva die op steeds grotere schaal worden voorgeschreven en vaak de nodige bijwerkingen hebben. “Onderzoek gebaseerd op de resultaten die de farmaceutische firma’s zelf hadden ingediend bij de Amerikaanse Food and Drug Administration toont dat het verschil tussen antidepressiva en een placebo statistisch minder dan tien procent is en klinisch grotendeels verwaarloosbaar.” Doctor Ariane Bazan haalt er de psychotrope middelen (waaronder ook het overbekende ritalin valt) bij. ADHD-medicatie heeft een lange lijst nevenwerkingen. “Frequent zijn bijvoorbeeld hoofdpijn, slapeloosheid, afname van eetlust, hartritmestoornissen, bloeddrukfluctuaties.”

Wetenschappers en dokters weten steeds meer. En dus kunnen mensen ook steeds nauwkeuriger preventief onderzocht worden. En tijdens die onderzoeken wordt bijna altijd wel iets gevonden wat ‘abnormaal’ is. “Steeds meer mensen krijgen diagnoses die ze niet nodig hebben en behandelingen die meer kwaad dan goed doen. Dat is niet zo gek, want hulpverleners zijn opgeleid om ons beter te maken en wij willen met zijn allen steeds beter worden. Zodra de verbeteringen – in gezondheidszorg, uiterlijk, innerlijk en welzijn – echter succesvol zijn doorgevoerd, gaat het gemiddelde weer omhoog en scoort wederom een groep beneden dat gemiddelde. Vervolgens kan het sleutelen aan onszelf opnieuw beginnen.” Die trend is reeds in volle gang en begint al zijn nare vruchten af te werpen: we worden ziek van gezondheid. Is daar nog iets aan te doen? Ja, zo stellen de schrijvers. “Als we niet collectief ziek willen worden – geestelijk en lichamelijk – van ons streven naar ‘beter dan goed’, dan is het beschrijven en onder de aandacht brengen van processen, gevaren en mogelijke oplossingen rondom medicalisering belangrijk.” Het vraagt dus om aandacht voor een groeiend probleem. Om moedige dokters én patiënten die nuchter durven kijken naar wat ze voorschrijven en voorgeschreven krijgen. Maar het vraagt ook om moedige wetenschappers. Want de medicalisering is toch het product van de wetenschappelijke vooruitgang. “Misschien moeten we selectiever worden in welke medische vooruitgang we wel en welke we niet nastreven.”

Nieuwsgierig naar de rest? Bestel het boek direct via Bol.com!