Het is de grootste en meest massarijke structuur die tot op heden op zo’n grote afstand en in zo’n ver verleden is ontdekt.

De onderzoekers ontdekten het proto-supercluster met het VIMOS-instrument van de Very Large Telescope, toen ze die op het sterrenbeeld Sextants richtten. Dit proto-supercluster van sterrenstelsels heeft de bijnaam Hyperion gekregen en is de grootste en meest massarijke structuur die op zo’n grote afstand en zo vroeg in de geschiedenis van het heelal – 2,3 miljard jaar na de oerknal – is aangetroffen.

Massa
Hyperion heeft een enorme massa. Zo wordt deze geschat op op meer dan duizend biljoen keer de massa van onze zon. Deze reusachtige massa is vergelijkbaar met die van de grootste structuren die in het huidige heelal worden waargenomen. Maar wat de astronomen verbaast is dat er zo vroeg in de geschiedenis al zulke grote structuren bestonden. “Het is voor het eerst dat zo’n grote structuur bij zo’n hoge roodverschuiving overeenkomend met iets meer dan 2 miljard jaar na de oerknal is opgemerkt,” zegt hoofdauteur Olga Cucciati. Normaal gesproken worden dit soort structuren bij lagere roodverschuivingen aangetroffen. Of terwijl: toen het heelal veel meer tijd had gehad om te evolueren. “Het was een verrassing om te zien dat een ver ontwikkelde structuur als deze al bestond toen het heelal relatief jong was,” stelt Cucciati.

Gezien de enorme omvang van Hyperion zo vroeg in de geschiedenis van het heelal, denken astronomen dat de kosmische reus nog veel meer in zijn mars heeft. Zo denken ze dat Hyperion tot iets zal evolueren dat vergelijkbaar is met de grootste structuren in het lokale heelal. Denk bijvoorbeeld aan de superclusters die samen de Grote Muur van Sloan vormen, of de Virgo-supercluster waartoe ook onze eigen Melkwegstelsel behoort.

Complex
Hyperion blijkt een zeer complexe structuur te hebben, bestaande uit ten minste zeven gebieden van hoge dichtheid. Deze zijn door filamenten van sterrenstelsels met elkaar verbonden. De afmetingen komen overeen met die van nabije superclusters, hoewel deze een heel andere structuur hebben. “Nabijere superclusters hebben doorgaans een veel geconcentreerdere massaverdeling met duidelijke structurele kenmerken,” licht onderzoeker Brian Lemaux toe. “In Hyperion is de massa veel gelijkmatiger verdeeld over een aantal onderling verbonden klonten, die uit losse groeperingen van sterrenstelsels bestaan.” Dit verschil heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat de zwaartekracht bij nabije superclusters miljarden jaren de tijd heeft gehad om de beschikbare materie dichter bij elkaar te brengen. In het geval van de veel jongere Hyperion, is daar veel minder tijd voor geweest.

Volgens de onderzoekers kan het begrijpen van Hyperion en hoe deze zich verhoudt tot vergelijkbare structuren, inzicht geven in hoe het heelal zich in het verleden heeft ontwikkeld en in de toekomst zal gaan ontwikkelen. “De opsporing van deze kosmische reus helpt ons om de geschiedenis van deze grootschalige structuren te ontsluieren,” besluit Cucciati.