Zijn uitzonderlijke bijtkracht zette hem aan de top van de voedselketen.

Siamogale melilutra, een enorme otter ter grootte van een wolf, leefde zes miljoen jaar geleden en was waarschijnlijk een dominant roofdier. Tot deze conclusie komen onderzoekers nadat ze de kaken van het dier hebben geanalyseerd. Anders dan de huidige zeeotters, kon deze gigant met gemak schelpdieren, de botten van vogels of kleine zoogdieren fijn malen.

Kaakkracht
De prehistorische otter leefde in moerasgebieden in zuidwest China. Hij woog zo’n 50 kilo en was groter dan elke andere otter die we vandaag de dag nog kennen. Om S. melilutra beter te begrijpen, vergeleken de wetenschappers de kaak van deze gigant met tien bestaande ottersoorten. Hieruit blijkt dat er een relatie is tussen kaakkracht en de grootte van het dier: hoe kleiner de otter, hoe sterker de kaken. Grotere ottersoorten daarentegen blijken een minder sterke beet te hebben.

Uitzondering
Maar de S. melilutra blijkt een uitzondering. De kaken van deze gigant waren zes keer sterker dan de onderzoekers verwachtte. Deze kracht, in combinatie met de grootte van het dier, zou de otter tot een geweldige jager hebben gemaakt. “Het is bekend dat carnivoren krachtige kaken ontwikkelen met als doel de botten van hun prooi te breken,” zegt Wang, mede-auteur van het onderzoek. “In het ondiepe moeras van Zuid-China is het mogelijk dat een grote hoeveelheid aan enorme mosselen deze otters ertoe dreven hun bijzondere eigenschap te verwerven.”

Digitale driedimensionale reconstructies tonen de schedels – inclusief de kaken – van de Europese otter (links) en de gigantische prehistorische otter (rechts) Afbeelding: Z. Jack Tseng

Gereedschap
Deze nieuwe inzichten roepen vragen op over de relatie tussen de kaakkracht en het dieet van dieren. Normaal gesproken hebben dieren die harder voedsel eten, krachtigere kaken. Maar volgens de nieuwe studie komen deze twee eigenschappen niet overeen bij otters; de sterkte van de kaak hangt samen met de grootte van het dier, ongeacht de maaltijdkeuze. “Het gebruik van gereedschap kan dit verschil wellicht verklaren,” zegt Z. Jack Tseng, hoofdauteur van het onderzoek. “Otters met een relatief zwakke beet kunnen toch hard voedsel verwerken. Zeeotters zwemmen bijvoorbeeld op hun rug en gebruiken hun borst als platform om hun voedsel met stenen kapot te slaan.”

Volgens de onderzoekers zou de S. melilutra door zijn krachtige kaken geen gebruik maken van gereedschap – zoals stenen – om hun voedsel te verorberen. Meer onderzoek zou moeten aantonen waarom de huidige grotere ottersoorten minder sterke kaken hebben ontwikkeld en wel afhankelijk zijn geworden van gereedschap.