Toen de dinosaurussen uitstierven, werden sommige zoogdieren gigantisch. Dat concluderen wetenschappers. Hun studie verklaart hoe bijvoorbeeld de Paracetartherium – een planteneter van 5,5 meter hoog – ontstond. “Zoogdieren ontstonden zo’n 210 miljoen jaar geleden en bleven de eerste 140 miljoen jaar klein,” weet onderzoeker Felisa Smith. En toen kwam de groeispurt pas.

“Dat heeft waarschijnlijk te maken met de competitie met reptielen en dinosaurussen die het ecosysteem domineerden.” In de tijd van de dino’s waren de meeste zoogdieren niet veel groter dan een muis.

Klein, maar fijn
Hun kleine lijfjes hebben er in die tijd volgens de onderzoekers overigens wel aan bijgedragen dat het zoogdier er ook vandaag de dag nog is. “Hoewel zoogdieren sterk beïnvloed werden door de massa-extinctie op de Krijt-Paleogeengrens (65,5 miljoen jaar geleden, red.) hadden ze een aantal aanpassingen waar ze na die vernietigende inslag baat bij hadden. Veel van de overlevenden waren klein, leefden in holen en aten vrijwel alles.” Dat maakte het vullen van de niches die de dinosaurussen achterlieten een stuk gemakkelijker.

Fossielen
De onderzoekers baseren hun conclusies op fossiele restanten. De lichamen van zoogdieren beginnen zo’n 65 miljoen jaar geleden plots gestaag te groeien. Die groei piekte zo’n 34 miljoen jaar geleden in Eurazië en deed dat tien miljoen jaar geleden opnieuw in Eurazië en Afrika.

Omgeving
Sommige zoogdieren bleven klein of evolueerden om de niches van kleinere of middelgrote dieren te vullen. De dieren die groter werden, hadden een groeipatroon dat door de tijd en door verschillende groepen – ongeacht hun dieet en afstamming – heen hetzelfde was. Dat wijst er volgens de onderzoekers op dat het evolueren van een andere lichaamsgrootte vooral veroorzaakt wordt door de hoeveelheid land die voorhanden is en de temperatuur.

BENIEUWD NAAR…

…dieren die met recht de groten der aarde worden genoemd? U vindt ze hier!

Lichaamswarmte
Grote vraag is natuurlijk: waarom hebben de zoogdieren de grootte van de dinosaurussen nooit gehaald? Want de Paraceratherium is indrukwekkend met zijn 5,5 meter, maar dinosaurussen als de Argentinosaurus konden wel 39 meter lang worden. Smith vermoedt dat dat te maken heeft met het feit dat zoogdieren hun eigen temperatuur moeten regelen. Dat is een activiteit die zo’n 90 procent van alle energie opslokt en dus blijft er minder energie over om te groeien. “Het is interessant dat de grootste dinosaurussen zo’n tien keer groter waren dan de grootste zoogdieren. Dat is precies in lijn met de verschillen in de energiebehoefte.”

Overigens is groot zijn ook niet altijd even gemakkelijk; veel van de grote zoogdieren van toen zijn inmiddels uitgestorven. Want zo’n groot lichaam vraagt om veel voedsel en kost veel energie en dat is lastig. Onderzoekers denken dan ook niet snel weer zo’n groeispurt in de natuur te zien: klein zijn heeft ook zijn voordelen.