In het menselijk genoom zijn tijdens een onderzoek onder honderdduizenden(!) mensen vijftien plekken ontdekt die verband houden met een ernstige depressie.

Het is veruit het meest grootschalige genetische onderzoek naar depressie ooit. Onderzoekers bogen zich over de gegevens van meer 300.000 mensen, waaronder meer dan 75.000 mensen met een depressie (zie kader). Uit het onderzoek rollen geheel nieuwe inzichten die een beter beeld geven van de biologie die aan depressie ten grondslag ligt. Zo zijn er in het menselijk genoom vijftien verschillende plekken ontdekt die verband houden met depressie.

Depressie is wereldwijd een groot probleem en wordt gekenmerkt door vermoeidheid, stemmingswisselingen, slaapproblemen en een gebrek aan eetlust. Naar schatting hebben zo’n 350 miljoen mensen op aarde ermee te maken.

Genen
Het is al lang bekend dat genen een rol spelen bij de ontwikkeling van een depressie. Maar hoe groot is hun rol? En welke genen zijn er precies bij betrokken? Wetenschappers proberen dat al een tijdje uit te zoeken. Zo werd in 2013 een onderzoek onder 17.000 mensen met depressie uitgevoerd. Maar verrassend genoeg werd er geen enkel verband gevonden tussen genen en depressie. Hoe kan dat? In eerste instantie dachten onderzoekers dat de onderzochte groep mensen te klein was. Of misschien werden verschillende vormen van depressie onterecht op één hoop gegooid en lukte het daarom niet om genen aan te wijzen die met een depressie samenhingen?

Een specifieke bevolkingsgroep misschien?
Misschien, zo bedacht een onderzoeker vorig jaar, moeten we ons in onderzoek naar depressies ook richten op een specifieke bevolkingsgroep. En dus zette hij een onderzoek op onder 10.000 ernstig depressieve Chinezen. Het leverde twee genvarianten op die verband leken te houden met depressie. Maar die varianten bleken weer geen invloed te hebben op de kans dat Europeanen een depressie opliepen.

Lastig
Wat deze eerdere onderzoeken in ieder geval duidelijk maakten, was dat het lastig is om depressies te onderzoeken. Waarschijnlijk dragen vele genen bij aan het ontwikkelen van een depressie. En daarnaast spelen ook omgevingsfactoren een rol.

Bij 23andMe kun je jouw genoom in kaart laten brengen door een beetje speeksel op te sturen. Op basis van dat genoom kun je vervolgens meer te weten komen over je gezondheid(srisico’s) of je afkomst. Eén van onze auteurs, Rob Oele, liet bij 23andMe zijn genoom in kaart brengen om te weten te komen waar zijn voorouders vandaan kwamen. Hij schreef er eerder hier over.

Grootschalig
Om toch meer duidelijkheid te krijgen over de rol van genen, besloten onderzoekers recent om onderzoek te doen onder een hele grote groep mensen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Want hoe kom je aan het genoom van tienduizenden of beter nog honderdduizenden mensen? Simpel: met behulp van 23andMe. Bij dit bedrijf kun je – tegen betaling – je genoom in kaart laten brengen (zie kader). Meer dan een miljoen mensen hebben dat al laten doen. Bij het bedrijf ligt dan ook een schat aan informatie. En daaruit hebben de onderzoekers mogen putten. Ze bestudeerden het genoom van meer dan 3000.000 23andMe-klanten (die daar toestemming voor hadden gegeven) van Europese afkomst. Onder deze mensen bevonden zich meer dan 75.000 mensen bij wie een depressie was vastgesteld.

Effect
En het grootschalige onderzoek heeft effect gehad, zo schrijven de onderzoekers in het blad Nature Genetics. In het menselijk genoom zijn vijftien regio’s gevonden die verband houden met depressie. Geen van deze regio’s dook op in het onderzoek dat eerder onder 10.000 Chinezen werd gehouden.

De ontdekking leidt niet direct tot nieuwe behandelingen. De onderzoekers hopen dat hun studie bijdraagt aan een beter begrip van de biologie die aan depressie ten grondslag ligt. Die informatie is van grote waarde als we depressies in de toekomst willen voorkomen. Maar mogelijk leidt de informatie ook tot betere diagnoses en behandelingen.