rommel2

Kent u mensen die moeite hebben met afstand nemen van hun spullen? Willen ze het bewaren voor ‘het geval dat’ of willen ze de emotionele herinneringen niet verliezen? Wellicht lijdt diegene dan aan een psychische stoornis. Want vanaf mei dit jaar is ook hamsteren een mentale stoornis.

In mei dit jaar verschijnt de nieuwe Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM). Dit handboek wordt samengesteld door een internationaal team van psychologen, psychiaters en epidemiologen en wordt in verschillende landen wereldwijd gebruikt voor het stellen van psychiatrische diagnosen. En voor het eerst is hamsteren nu een aparte aandoening op de lijst met mentale stoornissen.

De diagnose

De Internationale OCD Foundation laat weten wat de voorgestelde criteria zijn voor diagnose.
1. De persoon heeft aanhoudende problemen met het weggooien of afscheid nemen van persoonlijke bezittingen, zelfs die van ogenschijnlijk nutteloze of beperkte waarde, als gevolg van een sterke neiging om spullen op te slaan geassocieerd met angst en/of besluiteloosheid.
2. De symptomen resulteren in de accumulatie van een groot aantal bezittingen en rommel die de actieve leefruimte van het huis, werkplek of andere persoonlijke omgeving vullen en normaal gebruik van de ruimte onmogelijk maakt. Als alle leefruimtes worden opgeruimd, komt dit door de inspanningen van anderen.
3. De symptomen veroorzaken in significante mate beperkingen in het sociaal of beroepsmatig functioneren of andere manieren van functioneren zoals het behoud van een veilige omgeving voor zichzelf en anderen.

Gevaarlijks
Een kamer, garage en zolder vol met opeengestapelde kranten. Misschien heeft u het wel eens gezien bij het tv-programma ‘Man bijt hond’ en dacht u: “die gekke mensen kunnen wel wat professionele hulp gebruiken”. Mensen die lijden aan deze ‘nieuwe’ psychische stoornis verzamelen obsessief spullen en kunnen zich niet van deze bezittingen ontdoen of deze nu veel waard zijn of niet. Door het stapelen van spullen zoals boeken, dozen en kleding van vloer tot aan het plafond, kunnen zij in hun eigen huis hun achterste niet meer keren. Slechts smalle paadjes blijven over om door het huis te manoeuvreren waardoor de hele situatie zelfs kan uitgroeien tot een gevaar voor de gezondheid. Hamsteraars staan machteloos tegenover deze dwangmatigheid.

DSM-V
Hamsteren was eerder ook al erkend als psychische stoornis, maar komt nu apart op de DSM-lijst te staan. Deze handleiding bevat alle criteria voor psychische stoornissen en is bedoeld voor iedereen die werkzaam is in de geestelijke gezondheidszorg. Eerder werd hamsteren geclassificeerd als een subtype van obsessief-compulsieve stoornis (OCS). Hierbij zijn de dwangmatige handelingen aangezet door angst en richt de behandeling zich hier ook op. Aangezien uit onderzoeken blijkt dat hamsteraars niet vanuit angst handelen en vaak ook geen andere OCS-symptomen hebben, krijgt de ziekte een aparte diagnose.
De aparte notering van de ‘hamsterstoornis’ in de DSM-V moet leiden tot betere identificatie van hamsteraars: mensen met een hardnekkig probleem waarbij het gedrag meestal schadelijke effecten heeft op emotioneel, fysiek, sociaal, financieel of zelfs juridisch vlak. Waarschijnlijk komt er meer onderzoek naar de ziekte en leidt dat uiteindelijk tot betere behandelingen. Ook is er door notering meer kans dat de behandeling gedekt wordt door verzekeraars.

Risicofactoren

Omdat er nog te weinig onderzoek naar de stoornis gedaan is, zijn de risicofactoren te betwisten. Uit bestaand onderzoek is het volgende te concluderen:
• Leeftijd: Hamsteren begint meestal in de vroege adolescentie rond het 13de of 14de levensjaar en kan erger worden naarmate iemand ouder wordt.
• Familiegeschiedenis: Vaak heeft een dwangmatige potter ook een familielid die aan de stoornis lijdt.
• Stress: Mensen kunnen na een ingrijpende gebeurtenis zoals het verliezen van iemand de hamsterstoornis ontwikkelen.
• Alcoholmisbruik: Ongeveer de helft van de hamsteraars heeft een geschiedenis van alcoholverslaving.
• Sociaal isolement: Mensen die hamsteren zijn meestal sociaal teruggetrokken en geïsoleerd.

Hamsteren
Hamsteraars stellen dingen uit en hebben moeite met het nemen van beslissingen, waaronder het beslissen of iets weg kan of niet. Spullen kunnen hamsteraars ontzettend enthousiasmeren. En in dit enthousiasme is het lastig dingen logisch te categoriseren.

Hoe vaak de hamsterstoornis in Nederland voorkomt, is niet bekend. Onderzoek wijst wel uit dat ongeveer 1,2 miljoen Amerikanen aan de aandoening lijden. Mensen met de aandoening zijn zich er vaak niet van bewust en zien het niet als problematisch. Dit is het echter wel. Het opstapelen van spullen tast immers de veilige thuisomgeving aan. Bovendien kan hamsteren ervoor zorgen dat mensen in een sociaal isolement belanden, bijvoorbeeld omdat ze zich schamen voor hun rommelige huis.