piepjonge ster

Astronomen hebben met behulp van Herschel vijftien piepjonge sterren opgespoord. Sommige van deze sterren behoren tot de jongste sterren die ooit zijn waargenomen. Het zijn welbeschouwd nog niet eens sterren, maar protosterren.

Herschel ontdekte de protosterren in een zeer actief stervormingsgebied in het sterrenbeeld Orion. “Herschel heeft de grootste verzameling van zulke jonge sterren in één enkel stervormingsgebied onthuld,” stelt onderzoeker Amelia Stutz. Met de ontdekking komen de onderzoekers steeds dichter bij hun uiteindelijke doel: getuige zijn van het moment waarop een ster zich begint te vormen.

Het ontstaan van een ster
Sterren ontstaan wanneer enorme gas- en stofwolken ineenstorten. Het centrum van zo’n ineengestorte wolk wordt steeds warmer, totdat deze een bal van superheet plasma (oftewel: een ster) vormt. Die verandering van koel stof in een bal plasma gaat – naar kosmische begrippen – heel snel. Vaak zijn daar maar enkele honderdduizenden jaren voor nodig. Zo’n ster in wording waarnemen is lastig. De fase duurt immers maar kort en de ster is nog heel erg zwak. Bovendien onttrekken omringende gaswolken de ster aan het zicht.

WIST U DAT…

Gloeien
Toch is het Herschel nu gelukt. Het observatorium nam de protosterren in ver-infrarood waar. “Onze observaties laten een glimp zien van protosterren die nog maar net in ver-infrarood beginnen te ‘gloeien’,” vertelt onderzoeker Elise Furlan.

In totaal heeft Herschel vijftien van deze jonge sterren opgespoord. Elf ervan zijn nog zeer jong. De jongste sterren zouden zo’n 25.000 jaar oud zijn. En daarmee zijn ze piepjong, zeker als u bedenkt dat een ster zoals onze zon gemakkelijk tien miljard jaar mee kan gaan. “Herschel stelt ons in staat om sterren in hun kinderjaren te bestuderen,” vat onderzoeker Glenn Wahlgren het onderzoek krachtig samen.