Overbezorgde ouders beperken niet alleen de vrijheid van hun kinderen: ze remmen misschien ook de hersengroei af in een gebied dat een link heeft met mentale problemen. Kinderen met overbezorgde of nalatige ouders zijn mogelijk gevoeliger voor psychische aandoeningen.

Kosuke Narita van de Gunma universiteit in Japan en haar collega’s scanden de hersenen van vijftig twintigers. Vervolgens moesten de proefpersonen vragen invullen over de relatie met hun ouders in de eerste zestien levensjaren. De onderzoekers gebruikten daarvoor het zogenaamde Parental Bonding Instrument, een internationaal erkende manier om de relatie van kinderen met hun ouders te meten.

Narita’s team kwam erachter dat kinderen met overbezorgde ouders minder grijze stof in een bepaald gebied van de prefrontale cortex hebben dan kinderen met gezondere ouder-kind-relaties. Ook kinderen met nalatige vaders – niet moeders – hadden minder grijze stof.

Het deel van de prefrontale cortex met minder grijze stof ontwikkelt zich tijdens de jeugd. Mensen met schizofrenie of andere mentale ziekten hebben vaak afwijkingen in dit gebied in de hersenen.

Narita en zijn team geloven dat het stresshormoon cortisol en de verminderde productie van dopamine zorgen voor een tijdelijke stop van de groei van grijze stof.

Maar is het niet andersom? Het is toch mogelijk dat de kinderen geboren worden met hersenafwijkingen en als gevolg moeilijker binden met hun ouders? Ja, zegt Stephen Wood van het Melbourne Neuropsychiatrisch Centrum in Australië. Hij denkt dat de abnormale hersengroei niet per se ligt aan de relatie van kinderen met hun ouders.

Daarnaast gebruikte het team van Narita geen kinderen met een lage sociaaleconomische status of niet-opgeleide ouders. “Het effect dat het team vond is misschien wel waar”, vindt Wood, “maar waarom zorgen maken over de relatie met ouders als er andere factoren zijn die een veel grotere invloed hebben?”