Het is deze maand precies 25 jaar geleden dat wetenschappers een gat in de ozonlaag boven Antarctica ontdekten. Ze waarschuwden dat het groter kon worden en ernstige gevallen van kanker kon veroorzaken. Het was het begin van een begrip: klimaatverandering.

Het beschermlaagje om de aarde liet het afweten en ultraviolette straling nabij het aardoppervlak nam toe. Maar het werd nog erger: het was onze schuld. Doordat mensen allerlei chemicaliën in de lucht hadden losgelaten, was het gat ontstaan. Politici sprongen er bovenop.

CFK’s
Binnen twee jaar kwam het Montreal Protocol op tafel: ozonbeschadigende chemicaliën werden gereduceerd en zo mogelijk vermeden. Men richtte zich daarbij vooral op de chloorfluorkoolstofverbindingen (CFK’s). Deze stofjes zaten met name in spuitbussen en koelkasten en zouden een enorme bedreiging voor de ozonlaag zijn. Veel landen banden de CFK’s uit.

Toeval
Dat er zo snel actie kon worden ondernomen, was een wonder. Het was namelijk puur toeval dat de wetenschappers op het gat in de ozonlaag stuitten. Er waren wel theorieën dat bepaalde stofjes de ozonlaag konden aantasten, maar dat dat al het geval was, wist niemand. De wetenschappers die het gat uiteindelijk ontdekten, waren eigenlijk op zoek naar manieren om het weer beter te voorspellen. Het pakte heel anders uit: hun onderzoek werd decennia op rij bepalend voor het milieubeleid.

Amerikanen
De ontdekking leidde tot een hoop verbazing. Met name aan Amerikaanse zijde. De Amerikanen hielden de ozonlaag al jaren in de gaten, maar hadden het gat naar eigen zeggen niet gezien. Pas nadat de wetenschappers hen op het gat wezen, ontdekten ze het ook in hun eigen data.

Nieuw protocol
Ondertussen zijn we 25 jaar verder en heeft het Montreal Protocol al vele opvolgers gekregen. Het Kyoto Protocol is daarbij de laatste aanwinst en loopt in 2012 af. Voor die tijd zal een nieuw protocol moeten worden opgesteld dat door zoveel mogelijk landen wordt ondertekend.

Politiek
Of dat gaat lukken, is twijfelachtig. De angst van 25 jaar geleden is grotendeels verdwenen en politieke belangen vieren weer hoogtij. Landen die sterk moeten snijden in hun CO2-uitstoot, zullen flink moeten investeren in zuinige en gezondere productieprocessen. Om wereldwijd maatregelen te nemen, zullen ook de ontwikkelingslanden hun CO2-uitstoot moeten terugdringen. Maar dat vraagt om investeringen die de arme delen van de wereld niet kunnen betalen. En wie gaat daar voor opdraaien? De rijke landen zijn verdeeld.

Klimaatmoe
En of dat nog niet genoeg is, is er ook nog de burger. Veel mensen zijn na 25 jaar klimaatmoe. Ze zijn de afgelopen jaren doodgegooid met berichtgeving van spaarlampen tot isolatie en van bedreigde diersoorten tot natte voeten. Sceptici denken inmiddels dat de klimaatverandering een verzinsel is. De blunders van de wetenschappers in het internationale klimaatpanel helpen daar ook niet echt aan mee.

Duveltjes
Gelukkig is er ook nog ander nieuws: het gat in de ozonlaag sluit zich langzaam. 25 jaar geleden zou dat wetenschappers misschien tot een vreugdedansje hebben verleid, maar daarvoor weten we inmiddels teveel: de sluiting van de ozonlaag is niet best; het maakt de aarde nog warmer. Het is één van de onverwachte duveltjes die uit het klimaatdoosje komen zetten. Elke keer als we denken dat we er zijn, blijken er andere processen te zijn die het allemaal nog een tikje erger maken.

Reden tot feestvreugde is er niet. Er staat namelijk één ding vast: of de wetenschappers nu goed of fout zitten, er is iets aan het veranderen op aarde. Dat we niet (willen) weten hoe dat afloopt, is alleen al reden tot zorg.