Voordat hij werd opgehangen, at hij een licht aangebrande maaltijd bestaande uit pap en vette vis.

Hoewel het een slordige 2400 jaar geleden is dat de Man van Tollund zijn laatste avondmaal at, zijn Deense onderzoekers er in geslaagd te achterhalen waar zijn laatste maaltijd precies uit bestond. En dat tot in groot detail. “We kunnen het recept bijna namaken,” vertelt onderzoeker Helt Nielsen.

Man van Tollund
De Man van Tollund is een zogenoemd ‘veenlijk’. Terwijl de Egyptenaren zich in allerlei bochten wrongen om hun dierbaren aan de tand des tijds te laten ontsnappen, zijn veenlijken – die misschien nog wel beter bewaard zijn gebleven dan de meeste Egyptische mummies – een natuurproduct. Mensen hebben geen moeite gedaan om de stoffelijke resten te behouden, maar ze simpelweg in het veen achtergelaten. En daardoor is het lichaam van de Man van Tollund in uitzonderlijk goede staat behouden gebleven. Zijn doodsoorzaak is tevens geen mysterie. Rond de hals van de man bevindt zich een – eveneens uitstekend bewaard gebleven – touw, ook zijn groeven onder de kin zichtbaar. De man is overduidelijk opgehangen. Waarschijnlijk niet omdat hij een misdaad had begaan, maar als een offer voor de goden. Dat leiden onderzoekers af uit het feit dat zijn ogen na zijn dood zijn gesloten en hij zorgvuldig in een slaaphouding in zijn graf is gelegd. Het is moeilijk voor te stellen dat mensen voor een misdadiger die moeite zouden nemen.

Meer over de Man van Tollund
De Man van Tollund is één van de meest onderzochte veenlijken ter wereld. Dat dit veenlijk zo ontzettend goed behouden is gebleven blijkt vooral wanneer je zijn gezicht bekijkt. Hoewel de man al zeker 2400 jaar geleden overleed, is zijn gezichtsuitdrukking nog steeds zichtbaar. Ook zijn enkele vingers van de man uitstekend bewaard gebleven: zo goed dat wetenschappers zelfs zijn vingerafdrukken hebben kunnen verzamelen. De man zou op het moment van overlijden tussen de 30 en 40 jaar oud zijn geweest. Zijn lijk is ongeveer 160 centimeter lang. Zijn grote voeten wijzen er echter op dat de Man van Tollund bij leven veel groter was: mogelijk is hij in het veen gekrompen.

Het hoofd en de gezichtsuitdrukking van de Man van Tollund. Afbeelding: Sven Rosborn via Wikimedia Commons

Niet alleen is het haar, hersenen, huid en de strop om zijn nek bijzonder goed bewaard gebleven, ook de darm- en maaginhoud blijken nauwelijks door de tand des tijds te zijn vergaan. En dus besloten onderzoekers de laatste happen van de Man van Tollund te achterhalen, die hij zo’n 12 tot 14 uur voordat hem de strop werd omgehangen, door had geslikt.

Laatste avondmaal
De resultaten zijn opmerkelijk nauwkeurig. Zo wisten onderzoekers te ontraadselen dat de laatste maaltijd van de Man van Tollund uit pap en vette vis bestond. Nog specifieker bevatte deze pap 85 procent gerst (335 gram), 9 procent een onkruid genaamd beklierde duizendknoop (29 gram) en vijf procent vlas (16 gram). De overige 1 procent bestond uit plantenresten van 20 verschillende soorten, waaronder veel zaden. De vis zat mogelijk door de pap heen geroerd, al zou het er ook naast gelegen kunnen hebben. De onderzoekers vonden ook verkoolde voedselresten terug, wat betekent dat het voedsel waarschijnlijk een beetje aangebrand was.

Voedselresten aangetroffen in de darmen van de Man van Tollund. A: Gerstkorrels, B: Zand, C: verkoolde voedselresten, D: lijnzaad Foto: Peter Steen Henriksen, Nationaal Museum

Verdere analyse wijst uit dat de man waarschijnlijk een lintworm had. Volgens de onderzoekers wijst dit op de primitieve hygiënische omstandigheden in de ijzertijd, omdat je lintwormen kunt krijgen door het eten van lintworm-eitjes door bijvoorbeeld besmet voedsel of drank. De onderzoekers vermoeden dat de Man van Tollund op een gegeven moment rauw of ongekookt vlees heeft gegeten, wat waarschijnlijk relatief gebruikelijk was toen het voedsel nog boven haarden of in kookputten werd bereid.

Al met al verschaffen de bevindingen, gepubliceerd in het vakblad Antiquity, niet alleen nieuw inzicht in de Man van Tollund, maar ook in het dieet van mensen die toentertijd leefden. En dat op een spectaculaire manier. Want nog niet eerder is er zo’n gedetailleerd beeld geschapen van de maag- en darminhoud van een veenlijk. “We zijn heel dicht in de buurt gekomen van iets dat 2400 jaar geleden is gebeurd,” zegt Nielsen. “Je kunt je bijna voorstellen hoe ze bij de open haard hebben gezeten en de pap kookten.”