Er is zo weinig bewerkstelligd, dat politici nu vier keer zoveel werk moeten verzetten om de Parijse klimaatafspraken na te kunnen komen.

In het afgelopen decennium hebben politici het te veel nagelaten om actie te ondernemen om de gevolgen van klimaatverandering een halt toe te roepen. En dat betekent dat we nu hard aan de bak moeten. Sterker nog, landen moeten nu vier keer zoveel werk verzetten – of hetzelfde werk in eenderde van de tijd zien te verrichten – om de doelstellingen uit het Parijse klimaatakkoord te behalen. Hieruit blijkt dat we het onszelf wel erg lastig hebben gemaakt.

Klimaatakkoord
In 2010 wisten we al dat het klimaat aan het veranderen was. De gevolgen daarvan zijn in het laatste decennium steeds duidelijker geworden. Om hier iets aan te doen, zetten vijf jaar geleden 195 landen wereldwijd hun handtekening onder het Parijse klimaatakkoord. Een prestatie die werd gezien als een ongekend succes. In het klimaatakkoord hebben deze landen beloofd er alles aan te doen om de opwarming van de aarde tot 2 graden Celsius te beperken en zelfs hun best te zullen doen om de aarde niet meer dan 1,5 graad warmer te laten worden. Om die doelstelling te behalen, moeten landen wereldwijd hun uitstoot terugdringen. Zo moet de menselijke uitstoot in 2030 zijn gehalveerd, voordat de uitstoot uiterlijk twintig jaar later tot nul is gedaald.


Redenen
De onderzoekers wijzen drie redenen aan waarom de kloof sinds 2010 maar liefst vier keer zo groot is geworden. Allereerst is de wereldwijde jaarlijkse uitstoot van broeikasgassen tussen 2008 en 2018 met zo’n 14 procent gestegen. Dit betekent dat de uitstoot nu sneller moet dalen dan eerder geschat werd. Ten tweede is iedereen het er nu over eens dat we moeten zorgen voor een lagere mondiale temperatuurstijging dan tien jaar geleden, mede omdat de risico’s op dit moment beter worden begrepen. En ten slotte zijn de toezeggingen van landen om actie te ondernemen tegen klimaatverandering onvoldoende geweest.

Gedurende de laatste tien jaar heeft het Emissions Gap Report jaarlijks het verschil gemeten tussen de toezeggingen die landen hebben gedaan om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, en wat er collectief nodig is om de temperatuurdoelen te behalen. En de onderzoekers maken nu de balans op. Ze berekenden dat er tussen 2020 en 2030 een jaarlijkse reductie in uitstoot van 7 procent nodig is om een maximale temperatuurstijging van 1,5 graad te waarborgen. Wanneer de emissies met 3 procent per jaar worden teruggebracht zal de temperatuur 2 °C stijgen.

2010
Het betekent dat we nu echt aan de bak moeten. En dat terwijl als we in 2010 gelijk actie hadden ondernomen, een reductie van slechts 2% in de uitstoot voldoende was geweest om de temperatuurstijging tot 2 °C te beperken. De tijdsspanne om de mondiale uitstoot te halveren is ook geslonken: deze is nu 10 jaar voor 1,5 °C en 25 jaar voor 2 °C. Was er in 2010 actie genomen, dan was deze tijdspanne 30 jaar geweest. De onderzoekers reppen in hun studie dan ook over een ‘verloren decennium’. “Het hiaat is zo groot dat overheden, de private sector en samenlevingen moeten overschakelen naar crisis-stand,” zo schrijven de auteurs. “Ze moeten hun klimaattoezeggingen aanscherpen en overgaan tot snelle en agressieve maatregelen.”

Afbeelding: Nature

Gaan we dat halen?
De grote vraag is natuurlijk of we deze ambitieuze doelen wel kunnen halen. Want op dit moment ziet het er niet goed uit. De voorgestelde klimaatacties die landen op hun agenda hebben staan voldoen lang niet aan de benodigde eisen. In plaats van dat de uitstoot in 2030 is gehalveerd, ziet het er nu naar uit dat deze over tien jaar juist iets is toegenomen. Bovendien liggen een tal van landen niet op schema om hun toezeggingen waar te maken.


Actie
Gelukkig is niet alles kommer en kwel. Zo zijn er ook landen, regio’s, steden en bedrijven die wél snelle en noodzakelijke acties hebben doorgevoerd. Denk bijvoorbeeld aan Costa Rica, De Chinese stad Shenzhen en de Deense hoofdstad Kopenhagen die vooruitgangen hebben geboekt in het gebruik van hernieuwbare energie en elektrisch vervoer. Het Verenigd Koninkrijk (samen met 75 andere partijen) en Californië hebben eveneens ambitieuze doelen gesteld om CO2-neutraal te worden. Ondertussen zijn 26 banken gestopt met het rechtstreeks financieren van nieuwe kolencentrales. Om het hiaat echter te dichten zullen deze acties opgeschaald moeten worden en breder toegepast in elke sector, zo concluderen de schrijvers.

Of dat ons gaat lukken zal de toekomst moeten uitwijzen. Wereldleiders zullen in de eerste plaats moeten optreden en hun toezeggingen in het Parijse klimaatakkoord moeten nakomen. Bovendien zouden ze ook sneller en met meer urgentie vooruitgang moeten boeken. Het betekent dat er ambitieuze beleidsmaatregelen en andere inspanningen nodig zijn om CO2 uit de atmosfeer te verwijderden en het tij te keren. Als we dat niet doen, zullen we afstevenen op een vrij onzekere toekomst. Onderzoekers wezen namelijk nog niet zo lang geleden de vijf grootste bedreigingen voor de mensheid aan. En deze blijken allemaal te maken te hebben met het milieu.