o-ster

Wetenschappers hebben een gigantische O-ster gevonden. Nog nooit eerder vonden astronomen een exemplaar van dit type met zo’n grote magnetosfeer.

Een O-type ster is de helderste en heetste ster in de hoofdreeks. Deze hoofdreeks loopt van het M-type (klein & koud) naar het K-type, G-type, F-type, A-type, B-type om te eindigen bij het O-type. Onze zon is een gele dwergster, oftewel een G-type.

Een O-type ster is 16 tot 90 keer zwaarder dan de zon en heeft een oppervlaktetemperatuur van 30.000 tot 52.000 Kelvin. In vergelijking: onze zon heeft een oppervlaktetemperatuur van slechts 6.000 kelvin (= 5.727 graden Celsius). O-sterren zijn heel zeldzaam. Slechts 0,00003% van alle hoofdreekssterren is een O-type ster. Maar omdat ze zo helder zijn, kunnen we ze vanaf de aarde goed zien. Twee van de 90 helderste sterren die zichtbaar zijn van de aarde, zijn O-type sterren, namelijk Alnitak en Naos.

NGC 1624-2
Astronomen hebben NASA’s Chandra-röntgentelescoop gebruikt om de O-ster NGC 1624-2 te bestuderen. Deze ster produceert zonnewinden die drie tot vijf keer sneller en minimaal 100.000 keer dichter zijn dan de exemplaren die onze zon de ruimte in slingert. Deze zonnewinden worstelen met het magnetisch veld. De deeltjes worden ingevangen, waardoor een hete plasmabel om de O-ster ontstaat.

Wat als deze O-ster zich in het zonnestelsel zou bevinden?

Wat als deze O-ster zich in het zonnestelsel zou bevinden?

“De magnetosfeer is zo groot dat bijna tachtig procent van de röntgenstraling geabsorbeerd wordt voordat deze straling ontsnapt en de Chandra-telescoop bereikt”, zegt onderzoeker Véronique Petit. Het magnetisch veld op het oppervlak van NGC 1624-2 is 20.000 keer sterker dan het veld op het oppervlak van de zon. Stel, NGC 1624-2 bevindt zich in het centrum van ons zonnestelsel, dan zou de hete plasma bijna de planeet Venus bereiken.

Niet alle grote sterren hebben een magnetisch veld. Wetenschappers beweren dat magnetische velden in massieve sterren – zoals bij NGC 1624-2 – ‘fossielen’ zijn van eerdere gebeurtenissen, bijvoorbeeld een botsing met een andere ster.