mulerius

De eerste bèta-hoogleraar van de Rijksuniversiteit Groningen was niet zo saai als gedacht. Nicolaus Mulerius behoorde tot de avant-garde van de wiskunde en natuurwetenschappen en communiceerde met zijn academieportret op sluikse wijze dat hij het eens was met Copernicus: een levensgevaarlijke boodschap.

Dat blijkt uit onderzoek van wetenschapshistoricus Henk Kubbinga. Kubbinga bestudeerde het leven van Mulerius naar aanleiding van het 400-jarig bestaan van de Rijksuniversiteit Groningen, dezelfde universiteit waaraan Mulerius als eerste bèta-hoogleraar werkzaam was. Het onderzoek van Kubbinga verandert onze kijk op Mulerius.

Afbeelding: RUG.

Afbeelding: RUG.

Altijd werd gedacht dat de man een stoffige tabellenrekenaar en een grijze voetnotenproducent was. Maar wat blijkt uit het onderzoek? Zo stoffig en grijs was Mulerius helemaal niet. In tegendeel: de hoogleraar behoorde tot de avant-garde van de wiskunde en natuurwetenschappen.

Tijdens het onderzoek richtte Kubbinga zijn aandacht op het academieportret van Mulerius. Op dit schilderij staat de hoogleraar afgebeeld met twee instrumenten waaraan nooit veel aandacht is geschonken. Kubbinga liet het Zernike Institute for Advanced Materials de aard, werking en constructie van de instrumenten uitzoeken. Hieruit kwam een bijzondere conclusie voort. Eén van de instrumenten was een sterrenkundige ring die in die tijd werd gebruikt om sterrenkaarten te maken en de tijd af te lezen, maar het tweede instrument bleek een bijna onbekend instrument te zijn. Na onderzoek bleek dit een bijzondere boodschap prijs te geven. Mulerius had namelijk in het onbekende instrument zijn steun versleuteld voor het heliocentrische wereldbeeld van Copernicus. In die tijd was het levensgevaarlijk om het eens te zijn met de ideeën van Copernicus: een bewegende aarde was immers in strijd met de leer van de Rooms Katholieke kerk.