BIOLOGIE  Onderzoekers hebben honden en katten getest op een flink aantal criteria zoals intelligentie, gehoorzaamheid en geschiktheid voor een relatie. En wat blijkt? De hond wint nipt van zijn eeuwige rivaal, de kat. Van de elf categorieën met criteria won de hond er zes. De kat moest het met vijf doen.

Katten hebben bijvoorbeeld wel een sterker brein, maar honden begrijpen commando’s beter. Bovendien is de hond behulpzamer en beter in het oplossen van problemen.

Katten scoorden wel op een ander vlak. Zo zijn ze opmerkzamer en hebben ze een kleinere ecologische voetafdruk dan hun rivaal. Bovendien is hun gemiauw minder irritant dan het geblaf van honden.

De katten zijn heel onafhankelijk en dus goed in staat om voor zichzelf te zorgen. Honden hebben meer aandacht nodig, maar geven daarvoor dan weer wel onvoorwaardelijke liefde voor terug.

Volgens de onderzoekers zijn de resultaten prima te verklaren vanuit de evolutietheorie. Katten waren veelal einzelgängers, terwijl honden in groepen leefden.

Ondanks de resultaten kiezen de meeste mensen toch voor een kat als huisdier; de tien landen met de meeste kattenbezitters zijn goed voor zo’n 204 miljoen katten, terwijl de tien landen met de meeste hondenbezitters ‘slechts’ 173 miljoen honden tellen.