En de belangrijke observaties hinten er – opnieuw – op dat magnetars de nog altijd behoorlijk mysterieuze signalen voortbrengen.

Het is één van de grote mysteries die astronomen al geruime tijd bezighouden: de snelle radioflits. De flitsen zijn eigenlijk niets anders dan enorme uitbarstingen in de ruimte, waarbij in korte tijd een gigantische hoeveelheid energie vrijkomt. Heel concreet gaat het vaak om uitbarstingen waarbij in 1 milliseconde tijd meer energie vrijkomt dan onze zon in 80 jaar genereert. Hoewel de snelle radioflitsen ons al sinds 2007 bekend zijn, is nog altijd onduidelijk hoe ze ontstaan.

Thuisbrengen
Wat daarbij niet helpt, is dat de snelle radioflitsen heel kort acte de présence geven, waardoor het bijna onmogelijk is om vast te stellen waar ze hun oorsprong vinden. Tot op heden hebben onderzoekers ongeveer 1000 snelle radioflitsen gespot, maar van slechts vijftien daarvan kon ook daadwerkelijk worden vastgesteld uit welk sterrenstelsel ze afkomstig waren.

Maar Hubble doet nu een flinke duit in het zakje. Met behulp van de ruimtetelescoop zijn onderzoekers erin geslaagd om vijf snelle radioflitsen thuis te brengen. De onderzoekers kunnen ons dankzij de Hubble-data niet alleen vertellen in welk sterrenstelsel de snelle radioflitsen zijn ontstaan, maar ook in welk deel van de sterrenstelsels de snelle radioflitsen hun oorsprong vinden. Zo blijken ze in de spiraalarmen van de stelsels te ontstaan.

Jonge, zware sterren
In die spiraalarmen vinden we onder meer jonge, zware sterren die na een kortstondig leven op explosieve wijze aan hun einde komen. Je zou je kunnen voorstellen dat bij zo’n heftige gebeurtenis ook de enorme radio-uitbarstingen die wij als snelle radioflitsen kennen, ontstaan. Maar wat Hubble nu laat zien, is dat de snelle radioflitsen niet afkomstig zijn uit de meest heldere en met zware sterren gevulde delen van de spiraalarmen. Het wijst erop dat de explosieve dood van zware sterren niet aan de wieg van snelle radioflitsen staat.

Neutronensterren
Maar hoe ontstaan de snelle radioflitsen dan wel? Een andere hypothese is dat ze ontstaan tijdens de fusie van neutronensterren. Maar dergelijke fusies vinden vaak plaats op grote afstand van de spiraalarmen, en juist in oudere sterrenstelsels die niet langer in staat zijn om sterren te vormen. De Hubble-waarnemingen zagen dus ook aan de stoelpoten van deze hypothese.

Magnetar
De hypothese die ondertussen manhaftig standhoudt, is de hypothese die veronderstelt dat snelle radioflitsen hun oorsprong vinden in magnetars. Dit zijn neutronensterren met krachtige magnetische velden. “Door hun krachtige magnetische velden zijn magnetars best onvoorspelbaar,” legt onderzoeker Wen-fai Fong uit. “In dit geval wordt gedacht dat snelle radioflitsen ontstaan door uitbarstende jonge magnetars.” De resultaten zijn in lijn met die van een eerder onderzoek dat vorig jaar werd gepresenteerd. In dat onderzoek werd een snelle radioflits in onze eigen Melkweg herleid naar een plek waarvan we weten dat zich daar een magnetar bevindt.

Hoewel het er allemaal sterk op wijst dat het raadsel van de snelle radioflitsen zijn ontknoping nadert, blijven wetenschappers voorzichtig. Er is nog veel meer onderzoek nodig om met zekerheid te kunnen stellen hoe de snelle radioflitsen ontstaan.