Voor het eerst zijn onderzoekers niet per ongeluk getuige van een ster die ontploft.

Wanneer een ster het einde van zijn leven nadert, dan gaat dat vaak met een flinke explosie gepaard. Het komt niet zo vaak voor dat we daar getuige van zijn. En als we al een ster zien ontploffen, dan is dat vaak toeval. Simpelweg een telescoop die op het juiste moment de juiste kant op keek. Maar nu hebben onderzoekers voor het eerst voorspeld dat een ster zou ontploffen, waarna ze ook daadwerkelijk getuige waren van de explosie.

De ster is geëxplodeerd op een afstand van tien miljard lichtjaar van de aarde. Omdat het licht tien miljard jaar heeft gereisd, vond deze explosie plaats toen de aarde en de zon nog niet bestonden. Tussen de supernova en de aarde bevindt zich een cluster van sterrenstelsels: MACS J1149.5+2223. Dit cluster – dat vijf miljard lichtjaar van de aarde verwijderd is – is zo zwaar, dat het licht van de supernova wordt afgebogen. In het geval van een zwakke lenswerking wordt een achtergrondstelsel uitgerekt, maar nu is er sprake van sterke lenswerking. Hierdoor is de supernova meerdere keren te zien.

“We onderzochten de supernova en realiseerden ons dat het sterrenstelsel een zogenoemd lensstelsel is”, schrijft auteur Steve Rodney van de universiteit van South Carolina. “Het achtergrondstelsel is in ieder geval drie keer zichtbaar.” Omdat het licht verschillende paden volgt, was de supernova niet tegelijkertijd te zien. Zo blijkt nu dat de supernova al in 1998 zichtbaar was. “We gebruikten zeven verschillende modellen van het cluster om te voorspellen waar en wanneer de supernova opnieuw zou verschijnen”, vervolgt hoofdauteur Tommaso Treu van de universiteit van Californië in Los Angeles. “De zeven voorspellingen zaten dicht bij elkaar.”

Sinds oktober keek Hubble regelmatig naar MACS J1149.5+2223 om de supernova te spotten. Op 11 december verscheen de stellaire ontploffing. “Door voorspellingen te toetsen kunnen we het heelal beter begrijpen”, reageert hoofdauteur Patrick Kelly van de universiteit van Californië in Berkeley. De ontdekking van deze supernova vormt een unieke mogelijkheid om de verdeling van materie – o.a. van donkere materie – in een cluster te onderzoeken.