Wetenschappers hebben met behulp van de Hubble-telescoop twee heldere sterrenhopen ontdekt die op het punt staan om samen te smelten.

De twee sterrenhopen bevinden zich op ongeveer 170.000 lichtjaar van de aarde, in de Grote Magelhaense Wolk, in het hart van de Tarantulanevel. Lang werden de sterrenhopen onterecht voor één aangezien, maar nu blijken het er toch echt twee te zijn: de één is ongeveer een miljoen jaar ouder dan de ander.

Rare vorm
De onderzoekers bestudeerden de sterren met behulp van de Hubble-telescoop. Al snel ontdekten ze dat de sterrenhoop niet bolvormig was, maar uit twee delen lijkt te bestaan. “Eén van de delen is vervormd en uitgerekt als gevolg van de zwaartekrachtswerking en dat is precies wat je verwacht wanneer twee sterrenhopen op het punt staan om samen te smelten,” vertelt onderzoeker Mark Gieles.

Het verhaal
Wat is er precies in het hart van de Tarantulanevel gebeurd? De onderzoekers hebben daar wel ideeën over. Al zo’n twintig miljoen jaar vormen zich hier in wolken van gas en stof, sterrenhopen. De wolken waaruit deze hopen ontstaan, vallen soms uit elkaar. De kleinere delen fuseren later weer tot één enorme, zware sterrenhoop.

Samensmeltende sterrenhopen in het hart van de Tarantulanevel. Foto: NASA / ESA / E. Sabbi met dank aan R. O’Connell en het WFC3-team.

Zware ster
Het onderzoek verklaart ook waarom zich nabij de twee sterrenhopen zoveel zware sterren bevinden. Wanneer twee sterrenhopen fuseren, worden zware sterren soms met enorme snelheid (zo’n 100.000 kilometer per uur) weggeslingerd. De onderzoekers hopen op korte termijn enkele van die haastige sterren te kunnen bestuderen. “Volgend jaar zullen we dit gebied opnieuw met Hubble waarnemen,” vertelt onderzoeker Selma de Mink. “Dan hopen we de snelst bewegende sterren te vinden door de oude en nieuwe opnames met elkaar te vergelijken.”

Hoewel Hubble al heel wat vragen over het heelal beantwoord heeft en ook in de Tarantulanevel weer wat duidelijkheid verschaft, heeft de telescoop toch moeite met een onderzoek als dit. Stof en gas onttrekt sterren aan het zicht en dat maakt het lastig om zo’n sterrenhoop te bestuderen. In de toekomst gaat dat gelukkig veranderen: de opvolger van Hubble, de James Webb Space Telescope, kan veel dieper in nevels kijken en dus nog meer geheimen van de Tarantulanevel blootleggen.