Op dit moment krijgen mensen met depressieve klachten goede psychologische hulp aangeboden, maar die behandelingen zijn door toedoen van de huidige financiering veel te kort. Dat concludeert klinisch psycholoog Claudi Bockting. “De manier waarop depressies in het huidige zorgsysteem worden behandeld, is weggegooid geld.”

Bockting benadrukt dat het belangrijk is dat mensen met depressieve klachten niet alleen beter worden, maar ook beter blijven. “We weten al een decennia of twee dat veel mensen terugvallen na een depressie. Dit terugvalrisico is kleiner als de behandeling langer wordt voortgezet. Tot het punt dat iemand geen symptomen meer heeft tijdens het herstel. Ook zijn er kortdurende behandelingen beschikbaar die beschermen tegen terugval na herstel.”

Snel
Maar psychologen en psychiaters krijgen van verzekeraars niet de ruimte om de behandeling goed af te ronden. “Wachtlijsten en de marktwerking in de gezondheidszorg legt druk op GGZ-instellingen en behandelaars om een behandeling snel af te ronden.” Gevolg: veel patiënten krijgen na enige tijd toch weer problemen. “Er wordt alleen geïnvesteerd in nu, zonder te kijken naar de langere termijn. Daarmee verspilt de maatschappij miljoenen euro’s.”

Goodwill
“Dit probleem is niet alleen op te lossen via de directeuren van GGZ-instellingen of behandelaars. De goodwill is er wel, maar ze moeten veelal met beperkte capaciteit kiezen tussen twee kwaden, ofwel nieuwe patiënten met veelal ernstige psychische klachten langer laten wachten, ofwel patiënten zorg bieden die niet verder reikt dan een garantie tot de voordeur. Het huidige financieringssysteem stimuleert hen niet deze garantie uit te breiden.”

Veranderen
Bockting pleit voor aparte budget voor ‘nazorg’ zodra de behandeling is afgerond. “Zo zorg je niet alleen dat het nu beter gaat met iemand, maar dat dit ook zo blijft.” Ook de financiering van de psychische zorg moet als het aan haar ligt, veranderen. “Je kunt je afvragen of het huidige ‘stuksloon’ een goede methode is als het chronische recidiverende aandoeningen betreft.”

Eén op de vier vrouwen en één op de acht mannen krijgt te maken met depressieve klachten. Dat kost jaarlijks 660 miljoen euro aan zorg. Bovendien kunnen mensen met een depressie vaak niet of maar deels werken en kampen ze soms ook met lichamelijke klachten. Het productieverlies bedraagt dan ook nog eens 950 miljoen euro.