De ijsbeer heeft het niet gemakkelijk. Het dier heeft ijs nodig om te kunnen jagen. En als dat er niet is..tja, dan moet ernaar gezocht worden. Wetenschappers volgden een ijsbeer op diens zoektocht en waren er getuige van hoe het dier maar liefst negen dagen rondzwom en in die periode zo’n 687 kilometer aan één stuk aflegde. Indrukwekkend, maar vooral levensgevaarlijk.

IJsberen zijn echte landdieren. Maar om op zeehonden te jagen, verlaten ze het land en zwemmen ze naar drijvende stukken ijs. De afstand die ze daarbij af moeten leggen, wordt steeds groter, omdat steeds meer ijs smelt.

De onderzoekers zagen tot hun stomme verbazing dat de ijsbeer in staat is om negen dagen lang in ijskoud water (twee tot zes graden Celsius) rond te zwemmen. In totaal zocht het dier twee maanden lang naar een geschikte jachtplaats. De lange reis ging het dier niet in de koude kleren zitten. Het vrouwtje verloor 22 procent van haar lichaamsgewicht en haar jong was overduidelijk nog niet klaar voor zo’n lange, koude reis en stierf.

De wetenschappers bestudeerden de ijsberen rondom de Beaufortzee. Juist in dit gebied hebben de dieren het moeilijk. De zomers zijn er relatief warm, waardoor meer ijs smelt dan er in de winter bijkomt. De afstanden die de ijsberen in hun zoektocht naar voedsel moeten afleggen, groeien gestaag.