Misschien uit de omgeving van de ster 2MASS 19281982-2640123?

Al decennia speuren astronomen de hemel af op zoek naar radiosignalen die afkomstig kunnen zijn van (intelligent) buitenaards leven. Tot op heden zonder succes. Tenminste: op dat ene mysterieuze radiosignaal na, dan. Het beruchte Wow!-signaal.

Over het Wow!-signaal
Het Ohio State University Radio Observatory is één van de radiotelescopen waarmee onderzoekers in 1977 jagen op radiosignalen afkomstig van aliens. Wanneer astronoom Jerry Ehman zich in augustus van dat jaar over de nieuwste data buigt, valt zijn oog al snel op een sterk, smalbandig radiosignaal. Het intrigeert Ehman meteen. Hij omcirkelt het signaal en schrijft er in de kantlijn in zijn enthousiasme ook nog eens het veelzeggende ‘Wow!’ bij. En terecht, zo vertelde astronoom Ignas Snellen een paar jaar geleden aan Scientias.nl. “Het signaal was niet alleen heel sterk, maar werd ook nog eens aangetroffen in een stukje hemel waar je geen radiostraling verwacht.”

Hoewel het inmiddels al meer dan 40 jaar geleden is, blijft het Wow!-signaal – dat slechts één keer gedetecteerd is en waarvan de bron nooit gevonden is – de gemoederen bezighouden. Dat blijkt ook wel uit een nieuwe studie, verschenen op ArXiv. Hierin gaat amateur-astronoom Alberto Caballero – eigenlijk tegen beter weten in – op jacht naar de oorsprong van het signaal. En hij komt zelfs – heel voorzichtig – met de naam van een ster op de proppen: 2MASS 19281982-2640123. Het is een zonachtige ster die zomaar over planeten zou kunnen beschikken waarvan het Wow!-signaal afkomstig is.

Twee gebieden
In zijn studie buigt Caballero zich over twee gebieden waaruit het Wow!-signaal afkomstig kan zijn (het zijn er twee, omdat het Ohio State University Radio Observatory met twee antennes de hemel afspeurde en achteraf niet meer gezegd kan worden met welke antenne het Wow!-signaal is opgevangen). Vervolgens gebruikt hij het archief van ruimtetelescoop Gaia om na te gaan wat in beide gebieden precies te vinden is, waarbij hij zich specifiek richt op zonachtige sterren. Want als aliens het Wow!-signaal hebben verstuurd, mag je – zo redeneert Caballero – verwachten dat ze zich op een exoplaneet bevinden die ongeveer net zo’n moederster hebben als de enige planeet waarvan we op dit moment zeker weten dat deze leven herbergt: onze eigen aarde. En dus zoekt Caballero in de gebieden naar sterren die tot hetzelfde type behoren als onze zon en bovendien een vergelijkbare helderheid en temperatuur hebben.

Eenzame kandidaat-ster
En terwijl Caballero zo de Gaia-data filtert, blijft er uiteindelijk – eigenlijk heel verrassend – één interessante ster over: 2MASS 19281982-2640123. “Het aandeel van de sterren die identiek zijn aan de zon is niet groot,” bevestigt Caballero. Ergens was dat wel te verwachten. “Zo’n 80 procent van alle sterren in een gegeven deel van het heelal behoort tot de rode dwergen en slechts 3,5 procent behoort (net als onze zon, red.) tot de Type G-hoofdreekssterren. De temperatuur van die Type G-hoofdreekssterren loopt bovendien uiteen van 5200 tot 6000 graden Kelvin en ik heb me alleen gericht op de sterren die zonachtig zijn en dus een vergelijkbare geschatte temperatuur en helderheid hebben.” En dan is de spoeling dus dun.

Geen duidelijkheid
Is 2MASS 19281982-2640123 dan de ster die de verzenders van het Wow!-signaal elke ochtend zien opgaan en elke avond zien ondergaan? Dat is onmogelijk met zekerheid te zeggen. Dat komt ten eerste doordat Caballero in zijn studie de lastig te bewijzen aanname doet dat (intelligent) leven alleen kan ontstaan rond zonachtige sterren. Misschien vinden aliens het ook wel prettig toeven op planeten rond heel andere typen sterren, zoals rode dwergen bijvoorbeeld. En dan zien we dus nogal wat kandidaat-sterren over het hoofd. Ten tweede heeft Gaia nog lang niet alle sterren in het gebied ontdekt, laat staan gekarakteriseerd. En dus kan het zijn dat de moederster van de verzenders van het Wow!-signaal nog op ontdekking wacht. En ten derde is het doordat het signaal slechts eenmalig is opgevangen sowieso niet haalbaar om met zekerheid vast te stellen waar het vandaan komt. “Het is onmogelijk om (de bron van het Wow!-signaal, red.) te weten te komen,” zo weet ook Cabellero. “Mijn onderzoek licht alleen de zonachtige sterren uit die zich in het juiste gebied bevinden en stelt dat als het signaal van een aardachtige planeet komt, deze stersystemen weleens de bronnen van het signaal kunnen zijn.”

Het blijft dus ook na deze analyse giswerk. Caballero – naast amateur-astronoom ook coördinator van het Habitable Exoplanet Hunting Project waarbinnen astronomen en amateur-astronomen zoeken naar potentieel leefbare exoplaneten – wist dat op voorhand en had niet de illusie dat hij dit mysterie op ging lossen. Wel hoopt hij dat zijn studie uiteindelijk van waarde zal blijken te zijn in de zoektocht naar buitenaards leven in het algemeen – en dus niet specifiek het buitenaardse leven dat dit signaal mogelijk verzonden heeft. Want hoewel 2MASS 19281982-2640123 te ver weg is om eventuele aliens van een antwoord op hun Wow!-signaal te voorzien, zouden we rond de ster wel kunnen gaan zoeken naar planeten, zo stelt Caballero. “We beschikken over een spectrograaf – ESPRESSO genaamd – die in staat is om exoplaneten zo klein als de aarde rond zonachtige sterren te spotten.” Maar het liefst zou Caballero natuurlijk nog een stap verder gaan. “In gedachten houdend dat het Wow!-signaal nog steeds gezien wordt als het krachtigste kandidaat-signaal in de zoektocht naar buitenaards intelligent leven, denk ik dat het belangrijk is dat we het hele gebied in de gaten blijven houden en proberen om er potentieel leefbare planeten rond zonachtige sterren te ontdekken.”

Wow! Aliens?
Ondertussen is natuurlijk ook nog niet bewezen dat het Wow!-signaal ook daadwerkelijk (met opzet) door aliens verstuurd is. Belangrijkste tegenargument voor dat idee is wel dat het slechts eenmalig is opgevangen. Als aliens het radiosignaal uitzenden om contact te maken, zou je verwachten dat ze dat herhaaldelijk doen. “Een andere mogelijkheid is dat het signaal niet bedoeld was voor de aarde, maar ‘weg is gelekt’ uit de communicatie tussen een beschaving en één van diens ruimtevaartuigen,” vertelt Caballero. “Momenteel coördineer ik de zoektocht naar vergelijkbare signalen in andere delen van de ruimte, waarbij we gebruikmaken van meerdere radio-observatoria.” En tenslotte is het natuurlijk ook nog mogelijk dat het toch geen aliens geweest zijn. Zo verscheen er een paar jaar geleden nog een studie die suggereerde dat kometen de oorzaak van het signaal waren – iets wat overigens door veel wetenschappers direct alweer in twijfel werd getrokken. En zo blijft het signaal – en dus ook de oorsprong ervan – na meer dan 40 jaar nog altijd zeer mysterieus.