In de tijd van Jules Verne hadden we er 80 dagen voor nodig. Maar als het aan ET3 ligt binnenkort nog maar enkele uren.

Er wordt volop nagedacht over nieuwe manieren van transport. Het moet namelijk sneller, efficiënter, goedkoper en duurzamer kunnen, zo denken veel mensen. En hoewel ze daar natuurlijk ongetwijfeld gelijk in hebben, blijft er nog één belangrijke vraag over: hoe?

Razendsnel
Bij ET3, een soort projectgroep, denken ze de oplossing voorhanden te hebben. De oplossing heet ETT, oftewel: Evacuated Tube Transport. ETT maakt gebruik van diverse (bestaande) technologieën en wordt door velen geroemd om het duurzame, betaalbare en bovenal snelle karakter. Een ritje van Los Angeles naar New York duurt met de auto bijna twee dagen. ETT doet het in 45 minuten. En van Washington naar Beijing? Twee uurtjes!

ETT. Foto: ET3.com

Hoe kan dat?
ETT maakt onder meer gebruik van de maglev-techniek. Maglev staat voor magnetic levitation. Hierbij verplaatst een vervoermiddel zich door magneetvelden. Magneten op het voertuig en de baan stoten elkaar af, waardoor het voertuig gaat zweven. Vervolgens bevindt zich aan de voor- en achterkant van het voertuig nog een magnetisch veld waardoor het voertuig respectievelijk vooruit wordt getrokken en vooruit wordt geduwd. Doordat het voertuig de baan niet raakt, ondervindt deze daar ook geen weerstand van en kunnen enorme snelheden worden bereikt. Vooral wanneer het voertuig zich in een tunnel bevindt en er ook geen sprake is van luchtweerstand.

Wat kost dat?

Wat kost de aanleg van zo’n transportlijn? Ongeveer 1,5 miljoen euro per 1,6 kilometer. De onderhoudskosten zijn beperkt. Doordat de capsules ‘zweven’ is er namelijk vrijwel geen sprake van slijtage. Omdat er weinig energie wordt verbruikt tijdens het transport zouden ook de kosten van het transport mee moeten vallen. In eerste instantie is het de bedoeling dat particulieren hun middelen en kennis inzetten om een prototype mogelijk te maken. Zij verenigen zich binnen ET3. Maar voor het echte werk is toch echt de hulp van overheden nodig.

Snelheid
En dat laatste is eigenlijk ETT. Capsules ter grootte van een auto verplaatsen zich door een vacuüm buis. Met behulp van elektrische motors worden de capsules op snelheid gebracht en doordat er geen sprake is van weerstand behouden ze die snelheid zonder dat dat extra energie kost. Wanneer de capsules afremmen, zou u denken dat er energie verloren gaat. Maar door die energie op te vangen, wordt dat voorkomen. De energie kan daarna weer worden gebruikt om de capsules op snelheid te brengen. Tijdens ‘korte’ tripjes tussen verschillende steden kan zo een snelheid van 600 kilometer per uur worden bereikt. Tijdens langere reizen (bijvoorbeeld tussen verschillende werelddelen) behoort zelfs een snelheid van 6500 kilometer per uur tot de mogelijkheden.

Voordelen
Het hele transport vindt dus in de buis plaats. Dat heeft niet alleen voordelen als het gaat om luchtweerstand en energie. Ook de kans op vertragingen is kleiner. Zo ondervindt de ETT bijvoorbeeld geen hinder van slecht weer. De buizen kunnen zowel ondergronds als boven de grond worden aangelegd.

In de capsule is plaats voor zes mensen. Foto: ET3.com.

Veiligheid
Het klinkt geweldig, maar ook een beetje eng. Want er wordt een enorme snelheid in die buizen behaald. En dan gaat u zich toch afvragen: hoe veilig is deze manier van transport eigenlijk? Laten we beginnen met de remmen: die zijn onmisbaar wanneer u in een vacuüm reist. In ETT worden de remmen niet door mensen bediend, in plaats daarvan remt het vervoermiddel automatisch. Als de remmen falen, is er nog een tweede serie remmen. Met het oog daarop is ETT even veilig als een auto. Mochten er problemen ontstaan waardoor ETT moet stoppen dan zoekt deze zelf de dichtstbijzijnde nooduitgang op. Deze bevinden zich om de paar kilometer.

ET3
Nu is ETT nog een ambitieus project van een projectgroepje dat zich ET3 noemt. Maar ET3 heeft echt ambitie. De groep wilen ervoor zorgen dat ETT de wereld gaat veroveren en razendsnel transport (in eerste instantie van goederen, maar later wellicht ook mensen) mogelijk gaat maken. En daarmee wordt de wereld weer een flink stukje kleiner.

Zover is het echter nog niet. Eerst moet er nog een prototype ETT worden gebouwd en pas daarna kunnen we aan het echte werk – een ETT die grote steden of zelfs werelddelen met elkaar verbindt – gaan denken. Een groot voordeel is dat de technologie die voor ETT nodig is reeds voorhanden is. Dat is alvast een hobbel die we niet meer hoeven nemen. Nu nog de middelen en de steun van overheden om ETT werkelijkheid te laten worden. Maar dat klinkt gemakkelijker dan het is. ETT is voor velen namelijk een droom. Maar voor nog veel meer anderen een nachtmerrie. Denk bijvoorbeeld aan de oliemaatschappijen die nu nog vele vrachtschepen en vrachtwagens van brandstof voorzien. Dat zijn de vormen van transport die wanneer ETT werkelijkheid wordt al snel overbodig worden. En met hen de machtige oliemaatschappijen. Dat neemt niet weg dat ETT potentie heeft. Er komt tenslotte een tijd dat we de fossiele brandstoffen wel af moeten zweren en dan kan het een geruststellende gedachte zijn dat er een plan als ETT op de plank ligt.