Jaarlijks maken dieren zich op voor een uitputtingsslag: een trektocht naar verre gebieden. En daarbij worden heel wat records neergezet.

Op zoek naar voedsel. Of op zoek naar een partner. Dieren hebben verschillende, goede redenen om onderweg te zijn. Gedreven door hun instinct maken ze jaarlijks meer kilometers dan velen van ons in tien jaar tijd doen. En dat is bijzonder indrukwekkend.

Poelsnip
Stel: u moet van Zweden naar het noorden van Afrika reizen. Hoelang denkt u daar over te doen? De poelsnip trekt er om en nabij de twee dagen voor uit. Het vogeltje stopt onderweg niet en kan zo in 48 uur meer dan 6700 kilometer afleggen. De gemiddelde snelheid van het dier? Ongeveer 97 kilometer per uur! Daarmee is de poelsnip de snelste vogel op de lange afstanden.

Hoogvlieger
Ook de Indische gans is een echte kilometervreter. Het dier maakt soms ritjes van 8000 kilometer. Dat is natuurlijk op zichzelf al een hele prestatie, maar het wordt nog indrukwekkender als u bedenkt dat de gans onderweg ook nog de Himalaya over moet. Wetenschappers volgden de ganzen eens op hun trektocht en ontdekten dat de vogels bij het oversteken van het gebergte soms wel op een hoogte van 6,5 kilometer vliegen. Daarmee is deze gans één van de hoogst vliegende vogels. Toch moet de Indische gans zijn meerdere erkennen in de gier Gyps rueppellii. De gier gaat sinds deze op 11.000 meter hoogte met een vliegtuig in botsing kwam namelijk de boeken in als de hoogst vliegende vogel ooit.

De Indische gans. Foto: Diliff (via Wikimedia Commons).

Libelle
Natuurlijk zijn vogels niet de enigen die het verderop zoeken. Er zijn ook enkele insecten die ver reizen. Het insect dat de grootste afstanden aflegt, is zonder enige twijfeld de wereldzwerver. Deze libelle mag er dan kwetsbaar uitzien: het insect steekt toch regelmatig oceanen over. Ze libelles doen dat niet helemaal op eigen kracht: ze laten zich helpen door de wind. Om daar optimaal gebruik van te kunnen maken, vliegen ze soms wel 2000 meter hoog. De libellen reizen onder meer van India naar het zuidoosten van Afrika. Ze hebben daar een goede reden voor. Wereldzwervers leggen hun eitjes namelijk in plasjes regenwater. De jongen die dat oplevert, kunnen zich in India niet voortplanten, want op het moment dat zij ter wereld komen, is het regenseizoen voorbij. Daarom trekken ze naar het zuidoosten van Afrika waar – tegen de tijd dat ze daar aankomen – juist het regenseizoen begint. De wereldzwervers leggen hun eitjes daar. En de jongen die daar uitkomen, zitten niet veel later met hetzelfde probleem als hun ouders: er is geen water om eitjes te leggen. En dus trekken zij weer richting India. En net als hun ouders profiteren ze weer van de gunstige wind: die waait namelijk altijd in de richting van de regen. In de loop van vier generaties legt de wereldzwerver zo gemakkelijk 16.000 kilometer af.

De wereldzwerver. Foto: Jerry Oldenettel (cc via Flickr.com).

Grijze walvis
Maar ook giganten zoals de grijze walvis maken jaarlijks tijd vrij voor een flinke trek. Dit tot wel zestien meter lange dier legt elk jaar tussen de 15.000 en 21.000 kilometer af. De zomer brengen grijze walvissen door nabij de Noordpool waar ze zich tegoed doen aan heerlijk voedsel. In de herfst verlaten ze het hoge noorden en ruilen het in voor een zuidelijker gebied. Sommigen trekken zelfs helemaal richting Mexico. De winter spenderen ze in het warmere water. De reis kost wat tijd, want de grijze walvissen gaan niet echt hard. Slechts zo’n vijf tot tien kilometer per uur. De trektocht kost dan ook al snel vijf tot zes maanden tijd.

Een grijze walvis laat zich aanraken. Foto: Joe McKenna (cc via Flickr.com).

Gnoe
Wie aan rondtrekkende dieren denkt, kan natuurlijk niet om de bekende trektochten in Afrika heen. Vooral de lange en gevaarlijke tocht van de gnoe – op zoek naar vers gras – verdient een vernoeming in dit artikel. De dieren leggen te voet meer dan 3200 kilometer af en doorkruisen daarbij een zeer gevaarlijk gebied waarin niet alleen leeuwen, maar ook krokodillen niet kunnen wachten om een hapje gnoe te veroveren. Niet alleen door toedoen van roofdieren, maar ook door uitputting, honger en dorst komen tijdens de trektocht vele duizenden gnoes om.

Een kudde gnoes onderweg. Foto: T. R. Shankar Raman (via Wikimedia Commons).

Tapuit
Dit kleine vogeltje haalde met zijn trektocht onlangs nog het nieuws. De tapuit is klein en weegt niet veel meer dan 25 gram. En toch is het een echte wereldreiziger. Jaarlijks legt de vogel bijna 30.000 kilometer af. Een hele prestatie!

Bovenstaande dieren zijn zomaar enkele voorbeelden van organismen die indrukwekkende reizen maken. Er zijn natuurlijk nog veel meer dieren te noemen. Stuk voor stuk leveren ze regelmatig een topprestatie. Gedreven door hun overlevingsdrang speuren ze naar plaatsen op aarde waar meer voedsel of een partner te vinden is. En dat al vele jaren lang. Het blijft fascinerend.