opblaasbaar

NASA gaat in 2015 een opblaasbare module naar het internationale ruimtestation sturen. En als deze nieuwe kamer goed bevalt, is de kans groot dat deze straks ook op plaatsen veel verder van de aarde verwijderd, wordt ingezet.

NASA heeft 17,8 miljoen dollar vrijgemaakt voor de module en het bedrijf Bigelow Aerospace opdracht gegeven om de extra kamer te gaan bouwen. Het is de bedoeling dat de opblaasbare module – ook wel Bigelow Expandable Activity Module (BEAM) genoemd – in 2015 door SpaceX’s Dragon naar het ISS wordt gebracht.

BEAM. Foto: NASA HQ photo (via Flickr.com).

BEAM. Foto: NASA HQ photo (via Flickr.com).

Koppelen
Zodra de module bij het ISS aankomt, gaan astronauten deze met de robotarm installeren. Daarna wordt de module opgeblazen, zodat de kamer zich ontvouwt. In de twee jaar die volgen, houden astronauten de module nauwlettend in de gaten. Ze onderzoeken hoe sterk deze is en de snelheid waarmee lucht uit de module ontsnapt. Ook moet duidelijk worden hoe de kamer – die op aarde natuurlijk al uitgebreid getest is – zich in de ruimte gedraagt. Zo af en toe zullen astronauten de kamer ook binnengaan om deze te onderzoeken. “Het internationale ruimtestation is een unieke locatie voor het demonstreren van innovatieve technologieën zoals BEAM,” stelt onderzoeker William Gerstenmaier.

Naar Mars
Als de experimenten goed verlopen, kan de opblaasbare module wellicht ook tijdens hele andere missies worden ingezet. De module kan tijdens verdere missies namelijk een relatief goedkoop en goed beschermend verblijf voor astronauten blijken te zijn. “Als we dieper de ruimte ingaan, richting Mars, dan zijn leefgebieden waarin we gedurende lange tijd kunnen vertoeven van groot belang,” benadrukt Gerstenmaier.

Wanneer de twee jaar durende testperiode van BEAM erop zit, wordt deze losgekoppeld van het ISS. De module zal daarop in de atmosfeer verbranden.